Waarom Villo! stagneert

Dat er niet genoeg fietsinfrastructuur is in Brussel, is al lang geen nieuws meer. In Brussel Deze Week viel te lezen dat nu ook het gebruik van Villo! stagneert. Volgens Kwinten Lambrecht is het al te gemakkelijk om het slechte weer de schuld te geven. Zijn kanttekeningen bij een falend, maar potentieel sterk merk.

1. Kwaliteit van de fietsen: Villo!-fietsen zijn zwaar en dat is vooral om heuvels op te rijden absoluut geen cadeau. Elektrische Villo!-fietsen zouden hiervoor de oplossing kunnen bieden. Vaak hebben fietsen technische mankementen, zoals losse pedalen of een vastzittend achterwiel.

2. Dienstverlening: Villo! is moeilijk te contacteren. Wat bij problemen na 18 u ‘s avonds of in het weekend? Ook de communicatie verloopt vaak stroef. Hoewel er grote inspanningen geleverd worden om op sociale media actief te zijn, laat de kwaliteit van de website te wensen over. Wist je bijvoorbeeld dat je bij de activering van je abonnement drie tot zes manden gratis krijgt?! Het valt na te lezen op de site.

3. Het gebrek aan big data-analyse: Villo! weet aan de hand van gebruikersgegevens welke stations het meest worden gebruikt en welke het volst zitten. En toch, station Kunst-Wet is elke dag leeg vanaf 16 u. Ook de stations rond de Zuidmarkt zitten overvol op zondag, om maar twee voorbeelden te noemen.

4. Marketing: de fietsen zien er nu eenmaal saai uit. Waarom organiseert het Gewest (in samenwerking met JCDecaux) geen ontwerpwedstrijd voor de leukste Villo!-behuizing? Of waarom vragen we geen belangrijke designer of kunstenaar om een model? Het moet cool zijn om met een Villo! te rijden.

5. Gebruiksvriendelijkheid: in Lyon, de stad die in het artikel als ‘best practice’ wordt genoemd, is het deelfietssysteem geïntegreerd in de Lyon City Card. In de Brussels City Pass is dat niet het geval. En je hoeft het niet altijd zo ver te zoeken. Eigenlijk zou een Villo!-kaart ook in Gent of Antwerpen functioneel moeten zijn, en omgekeerd.

Deze bijdrage verscheen eerder op de blog Lambyk, die we in februari in onze rubriek blog.bxl voorstelden. Kwinten Lambrecht schreef het artikel in samenwerking met zijn broer Ruben.

Iedereen Duivel

Na elke teleurstelling volgt een moeilijke periode van aanvaarding. Kleine momenten en rituelen helpen je met het verwerken. In het geval van collectieve ontgoocheling kan je rekenen op de steun van je vrienden, familie of buren. Tot het moment waarop je opnieuw kan inhaken in het ordinaire ritme van de wereld.

Zo is het ook de voorbije maand gegaan. Niemand die nog praat over die zonnige zaterdag begin juli, niemand die er nog aan denkt. De emoties waren hevig, maar zijn opnieuw onder controle. Alle attributen en accessoires zijn opgeborgen. Slechts zelden zie je nog een vlag aan een balkon wapperen. Toeters en bellen, in de kleuren zwart, geel en rood, verdwenen in een donkere doos op zolder. Maar laat mij de wonde nog één keer blootleggen en terugkijken op dat vermaledijde wereldkampioenschap voetbal. Lees volledige tekst

Brussel in Beeld – Week 33 (2014)

guilty as charged
Foto hierboven: guilty as charged van P. Marione.

Bekijk ook de vijf andere foto’s van de week.

Dixit: avonden die ontsporen

“Ik wil deze nacht in de straten verdwalen. De klank van de stad maakt mijn ziel amoureus.” Zo begint het bekendste nummer van Wannes Van de Velde, dat in 2013 door de lezers van Gazet van Antwerpen verkozen werd tot beste Antwerpse song. Minder bekend is dat de liedtekst over Brussel gaat en in de oorspronkelijke versie een Franse strofe heeft. De zanger schreef het liedje voor de Franstalige film Home Sweet Home (1973) van Benoît Lamy. De prent gaat over een opstand van de bewoners in een Brussels rusthuis. Welke in Schaarbeek wonende tv-maker verdwaalt ook graag in de straten van de stad en zegt dat Brussel hem gevormd heeft?

De mooiste nachten in Brussel zijn die die je niet plant, waarbij je niet afspreekt in een bepaald café of een discotheek. Avonden die ontsporen, zwerfavonden. Ook in mijn werk is dat zo. Ik heb net gedaan met de opnamen van mijn nieuwe programma. Wij weten nooit waar we ‘s avonds zullen slapen, maar elke avond vinden we wel ergens een slaapplek of belanden we in een tof café of bij mensen thuis. Net die charme vind je in Brussel als je binnenstapt in een café of restaurant dat je niet kent. Wanneer je langsloopt, gebeurt er iets waardoor de zaak je opvalt en voor je het weet zit je lekker te eten. Ik kan nog altijd verdwalen in Brussel.

Lees verder voor de oplossing.

Blog.bxl: Brussels Food Friends

De Brusselse blogosfeer is als een huis met vele kamers. In de rubriek blog.bxl wandelen we door de verschillende vertrekken. Vandaag werpen we een blik op Brussels Food Friends, een recent initiatief van vier expats om foodbloggers in en om Brussel te verenigen. Hun zelfverklaard doel? Elkaar inspireren, verhalen delen, gezamenlijke activiteiten organiseren en … zich te goed doen aan heerlijke gerechten.

Twee uur waren Maxine, Michelle en Andreea met de auto onderweg naar Rotterdam om andere bloggers te ontmoeten. Maar waarom zo ver reizen als je vlakbij gelijkgezinden kunt vinden? Dus sloegen ze de handen in elkaar. Brussels Food Friends zag in het voorjaar van 2014 het licht. Op hun Engelstalige website verzamelen ze verrukkelijke recepten, kondigen ze activiteiten aan, stellen ze de mensen achter foodblogs voor. De rubriek Link Love bevat een uitvoerige lijst van foodbloggers in België, of ze nu Engels, Nederlands, Frans, Italiaans of zelfs Noors als voertaal hanteren.

Lees volledige tekst

Brussel in Beeld – Week 32 (2014)

chemin détourné

Foto hierboven: chemin détourné van Patrick Marioné.

Bekijk ook de andere foto’s van de week.

Quinze verlaat Brussel

Dat kunstenaar Arne Quinze niet overal graag gezien is, hoeft misschien niet echt te verbazen. Zijn constructies in de openbare ruimte zijn immers vaak imposant, groot en kleurrijk. Het lijdt geen twijfel dat dergelijke kunstwerken een impact hebben op hun omgeving, dat ze talk of the townworden.

Tussen het Vlaams Parlement en het Huis van de Volksvertegenwoordigers heeft Quinze ook in Brussel een reusachtig kunstwerk neergezet. Op een stuk van de Leuvenseweg, een klein en rustig kasseien straatje, staat sinds 2008 een immens werk van 15 meter hoog en 80 meter lang. Bovenop enkele metalen steunpilaren, beweegt een wolk van duizenden oranje en bruine houten blokjes van gevel naar gevel. Lees volledige tekst

Gezocht: verse vis

Gisteren moest ik even de grenzen van het Brusselse gewest oversteken. Een fietstocht doorheen het prachtige Scheutbos voerde mij tot Dilbeek. Daar stootte ik op een marktje, idyllisch tussen het gemeentehuis en de kerk gelegen. Het was 9 uur ’s morgens en mijn aanwezigheid verlaagde de gemiddelde leeftijd van de marktbezoekers met minstens 20 jaar. Ik leek wel heel ver weg van Brussel.

Ik zag twee viskramen en na lang twijfelen kon ik mezelf overtuigen om toch wat vis aan te kopen. De laatste tijd heb ik nogal slechte ervaring met waardeloze diepvriesvis in de kantine en welriekende viswinkels die ik bijna dagelijks passeer. Ik koos strategisch voor het kraam met het meeste volk en kocht er maatjes en pladijs. Zeer voldaan over mijn aankoop, vatte ik mijn fietstocht huiswaarts aan.

’s Avonds brak het moment van de waarheid aan: het klaarmaken van de vis. Ik haalde de vis uit het papier: ik rook niets. Verdacht! Ik begon de pladijs te bakken: nog altijd geen visgeur. Zeer verdacht! En dan, the proof of the pudding: mijn eerste hap blies mij van mijn sokken. Wat een versheid! Heerlijk! De hele avond was ik lyrisch over mijn ontdekking van de Dilbeekse markt met haar verse vis.

Alleen, Dilbeek is een beetje ver voor een wekelijkse fietstocht, op een werkdag. Maar misschien kent u wel een viswinkel of viskraam met kraakverse vis dichterbij, in Brussel?

De markten van Brussel

Frans Gooskens komt uit Breda. Elke zomer verblijft hij een maand in Brussel. Op zijn eigen blog en op BrusselBlogt brengt hij verslag uit. Dit is zijn laatste bijdrage.

Ik ben een groot liefhebber van de markt, vooral vanwege de marktkooplui. Zij doen hun eigen inkoop en verkoop en daardoor hebben ze meer verstand van hun waren dan de gemiddelde medewerker van een supermarkt. In Breda bezoek ik iedere vrijdagochtend de markt op de Grote Markt voor groenten en fruit, kaas (bij Leo, specialist in boerenkaas) en verse of gebakken vis bij visboer Jonk.

In vergelijking met Breda is Brussel de overtreffende trap op het gebied van markten. Overal en op alle dagen is er wel een markt. Drie zaken springen er echt uit in Brussel. Dat zijn ten eerste de markten waar je wat kunt eten en drinken. Vlak bij ons huidige woonadres is er bijvoorbeeld de maandagmarkt op het Van Meenenplein. Buurtgenoten met een wat dikkere portemonnee en de betere banen drinken hier hun wijntje, prikken er een vorkje en praten bij. Ik kan nu zelf de Thai aanbevelen. Het blijft nog lang na de officiële sluitingstijd (19 uur) gezellig hier.

Lees volledige tekst

Dromen van vrede

Door de band met mijn naaste familie word ik tot de diaspora gerekend. Het zegt me weinig of beter, het behoren tot een over de wereld verspreid volk kan er bij mij nog door maar een natie die recruteert, dat gaat me te ver. Natiegevoel keur ik niet af, een mens heeft nood aan een collectieve eigenheid en als een wat abstract begrip als natie politieke organisatie kan tewerkstelligen, mij goed. Een opbod tussen volkeren en naties  heeft echter al tot een wereldoorlog geleid dus laten we er maar voor altijd van afstappen, van de sterke natiestaat, vooral als er het verleden en religie wordt bijgehaald om die groot en invloedrijk te maken.

Lees volledige tekst