Kijk, c’est petit et c’est beau, zoals Brussel, niet waar? Ik heb nog nooit zo’n lelijk café gezien, en toch, een pareltje in Brussel. Café “El Penon” in Sint Gillis, laten we eerlijk zijn, het mini Montmartre van Brussel , laat de toeristen weg, en ik heb gelijk.
Jonge gast, 23, wandelt Marokko buiten, leeft door Spanje, giet ijzer in België en slijt zijn oude dagen in Sint Gillis.
Continue reading ‘Als een rots in de branding’
Mijn middagpauze op zonnige dagen wil zich wel eens in het Warandepark voltrekken – je haalt ergens een broodje, installeert je op een bankje, en geniet van enkele ogenblikken relatieve rust terwijl je de wandelaars en joggers lichtjes geamuseerd gadeslaat. En op deze zonnige maandagmiddag was dat niet anders. Al zaten er tussen de wandelaars vanmiddag wel opvallend veel (groot)ouders met kindertjes.
Continue reading ‘Boterhammen in het Park’

Er staat sinds enkele dagen een glazen bokaal van Intel op de hoek van de Louizalaan en de Kleine Ring. Dienaangaande enkele vragen aan het marketing departement van Intel:
- ik veronderstel dat de reden voor de actie is dat jullie een winkel gaan openen (Charleroisesteenweg 14). Wat gaat daar verkocht/getoond worden? Was er geen plaats op die 30m2 wanden om daar iets over te zeggen? Kent u het concept van ‘flyers’?
Continue reading ‘I’m into bokaal @ Louiza’
Aan zomerse activiteiten dit jaar geen gebrek in onze hoofdstad. Wat zeg ik: je hebt drie agenda’s nodig en evenveel knechten om het allemaal een beetje overzichtelijk te houden. Maar heb ik nu zoveel gedaan?
In Brussel-Bad ben ik ook dit jaar niet geraakt. Maar wees even eerlijk, sinds die grote zandbak open is het weer er niet echt naar geweest om op de plage te gaan liggen. Een club Siberisten (hoe noem je anders die mensen die voor de lol in bevroren vijvers springen?) was even een kijkje komen nemen, maar toen ze vaststelden dat ze het water niet in mochten, zijn ook zij weer teleurgesteld afgedropen
Continue reading ‘it’s only entertainment, nietwaar?’
Indien U nu niet in Brussel woont, dan verheugt U zich nu al op die zondag waarop U binnenkort met de wagen, fietsen achterop, richting Brussel begeeft om dan met een brede glimlach in het midden van de weg te gaan slalommen. En het weze U gegund.
Zoals algemeen geweten is Brussel de enige stad waar de oppervlakte van autoluwe zo groot is (men is er nog fier op ook), je kan praktisch niet binnen de 19 gemeenten met je auto, maar ook niet buiten ! En dit is net wat me stoort… Andere steden zoals Antwerpen make de stadskern autoluw. Dit geeft de mensen die binnen deze kern wonen de mogelijkheid om hun wagen daarbuiten te parkeren om dan de stad ‘uit te vluchten’, of gewoon om eens ergens anders te gaan.
De Brusselaar zit opgesloten in eigen stad… Ik, als nieuw Brusselaar, heb op korte tijd een mooie band opgebouwd met deze stad. Maar als je mij erin wil opsluiten, wil ik weg (Typisch!). Als compensatie is het openbaar vervoer gratis, ttz de MIVB (volgens hun site mag ik niet linken!)…. maar daarmee geraak ik niet in de Brusselse rand, laat staan de Kust.
Wie het nog niet wist : de Noordzee komt tot in Brussel. Op de hoek van St kathelijnestraat en St kathelijneplein. Over de Monk, allé.
Stel, je hebt zo een ‘blauw’ zaterdaggevoel : geen plannen en toch wil je iets doen. Slaapdronken laat je je dan leiden door de verse visgeur naar dé Amélie Poulainwinkel van Brussel. Er hangt daar iets in de lucht. Een sfeer van vriendelijkheid, ambiance, het goede leven.
Je bestelt een toast sardines, een toast zwaardvis of een schoteltje moules parquées. Je vraagt daarbij een glaasje witte wijn en je zet je op het plein tussen veelal toeristen. Hier en daar hoor je toch ook sappige Brusselse dialecten. Een goed teken meestal.
En dan lichtjes dronken worden van gelukzaligheid. De ideale zaterdag. Grand classe. ‘Streetfood rules’, een goede openingszin als je babbeltje wil slaan met de licht beschonken Brit naast je. Broederschappen voor het leven worden gesmeed rond die visbar. Ok, ik stop, nog in de roes van te goede wijn.
Wees snel voordat het in alle boekskes staat.
Tournée générale deze zaterdag !
De laatste meeting was ook de drukste.
Veel zaken herhaald van de vorige meetings, maar het voornaamste is:
Iedere aspirant-auteur zou moeten iets gepubliceerd hebben op deze blog (brussel.blogt.be) tegen 24 augustus. Dat is nog iets meer dan een week. Niet treuzelen dus!
Sinds een paar maanden heb ik mijn residentie gevonden in een fijn appartement in de Rogierstraat in Scha(a/e)rbeek. Ja, de straat, niet de nabijgelegen Rogierlaan. Het feit dat er een straat en een laan bestaan met dezelfde naam die dan ook nog in elkaars verlengde liggen heeft al voor de nodige verwarring gezorgd. Zo is het gebeurd dat mensen bellen en zeggen: ‘He, ‘k sta aan u deur, maar uw naam staat niet op de bel.’ Een korte blik door het venster bevestigt dan al snel ons vermoeden: de persoon in kwestie staat 1,2 kilometer verder, dicht bij het mooie Weldoenersplein.
Continue reading ‘le quartier de nilo, deel 1: rue rogier’
Als het Seint in Parijs,
zou het moeten Zennen in Brussel
Frauke Depreitere schreef bovenstaande regels in haar gedicht “Waterdicht (impermeable)”.
Lissabon heeft haar Tagus, NY heeft haar Hudson, San Francisco heeft haar baai…zelfs Cairo heeft haar Nijl! Geen grootstad zonder water dus, behalve dan Brussel. Het gebrek aan een mooie stroom door de overdekking van de Zenne wordt door velen nog steeds aanzien als een zonde en een gemis voor de stad.
Continue reading ‘Water !’
En ja hoor, een of andere ongeschreven regel zorgde ervoor dat 2 dames op het laatste moment hun afspraak verzet hebben naar dinsdag en we waren weer met 5: Stefan, Wouter, Bart, Bieke en Peter.
Waarover hebben we gekletst tussen de Grimbergen en andere pintjes?
Continue reading ‘3e Monk meeting’
o heer
geef ons heden ons zondags plezier terug !
Wat roert er in het deeg van de bakkerijen tegenwoordig ?
Overal waar je komt vind je enkel opgezette, gekartonneerde versies van croissants, koffiekoeken of pistolets. Alsof ze opgespoten zijn, gefixeerd met een glanzend stijfmiddel. Alsof ze enkel bedoeld zijn om tentoongesteld te worden. Met glazuur om de tand des tijds te doorstaan. Nog net niet op sterk water.
Na één hap begint heel mijn systeem tegen te pruttelen, weigert het dienst.
Continue reading ‘FIGHT FOR YOUR RIGHT TO … PISTOLEEKES !’
Noem me maar gelukkig.
Waarom ?
Een poes in huis.
Een merel die fluit.
Mijn Madam in de hangmat.
Binnenkort een terras.
Met zicht op bomen in de tuin.
Binnenkort ons kind.
Dat vooral.
Allemaal mogelijk in het centrum,
sinds kort ons Brussel.
Daarom.

Welke Brusselaar –of verdwaalde medemens- heeft nog nooit tijdens een kot in de nacht, het lijf vol alcohol of andere verdovende middelen, voor het vervallen witte frituuruitsteeksel aan de Beurs gestaan? Wachtend op die vetdruipende mitraillette die de maaginhoud een extra verzetje zal geven? Dat zielige frituurtje is sinds kort (althans, wij merkten het sinds kort op – wij zijn niet erg sterk in die dingen) uitgebreid tot een majestueuze, bij momenten zelfs modern ogende eettent. “Fritland – Brussels since 1978� en een flitsend Manneke Pis Met Friet-logo erbovenop. Alstemblieft!
Continue reading ‘Fritland: nouveau style’
Geboren in het Waasland, naar school gegaan in Antwerpen, naar de unief in Antwerpen en vervolgens in Leuven, blijven plakken in Leuven, 12 jobkes en 13 ongelukken, hoe gaat dat als je jong bent. Uiteindelijk toch een vastere stek gevonden bij het grootkapitaal, uiteraard gevestigd in de trotse hoofdstad van de Europese Unie, de Benelux, Belgie en zelfs Vlaanderen (alhoewel, waar is hier dat Vlaamse grondgebied gebleven?). Dat betekende elke dag 25 minuten sporen heen, en ’s avonds weer 25 minuten terug. Drie jaar later werden die 25 minuten 30 minuten, nog later zelfs 35 minuten (werken aan de hogesnelheidslijn naar Duitsland, dank u meneer Schouppe). En de stad Brussel was zo grauw, zo koud, zo onsympathiek.
Tot een toevallige ontmoeting daar verandering in bracht; Brussel heeft een andere kant, waar ambtenaren en dagloners niet komen. En da’s wel een leuke kant. En je wint een uur (of meer) door gewoon in Brussel te blijven. En nu, midden in de grote stad, is er minder stress dan in het wat groot uitgevallen dorp Leuven.
Onlangs kwam ik treingewijs vanuit Antwerpen de stad weer binnen, en viel mijn oog op een groot reclamepaneel op de plek waar de rosse Aarschotstraat begint : reclame voor P-Magazine’s badpakkenspecial, met als opschrift “U komt hier wel erg vaak voorbij”. Vroeger ja, vroeger. Iemand moet dringend een foto nemen van dat reclamepaneel.

Ik ga nog een Monk-meeting doen op:
- vrijdag 5 augustus
- dinsdag 9 augustus
Afspraak tevens weer in de Monk
Wie is welkom: iedereen die wil meewerken aan deze blog!
Speel dit door het aan je vrienden, neven, nichten, collega’s!
Recente commentaren