Halal op school

In Brussel Deze Week nr. 1019 reageert ene meneer of mevrouw ‘Naam en adres bij de redactie bekend’ in een lezersbrief op het maaltijdenbeleid dat burgemeester Philippe Moureaux in de Molenbeekse gemeentescholen voert.

Nou heb ik nooit begrepen waarom iemand in een democratie als de onze een lezersbrief anoniem gepubliceerd wil zien. Tenzij men aan een congenitale vorm van lafheid lijdt. Wel begrijp ik waarom krantenredacties deze lezersbrieven publiceren. Anonieme reacties zijn niet zelden controversieel. Controverse gaat er altijd in en is goed voor de leescijfers. Maar soit, dat is een andere kwestie. Ter zake.

De gemeente Sint-Jans-Molenbeek heeft dus blijkbaar beslist om de schoolmaaltijden voortaan halal te bereiden. Dat betekent: in overeenstemming met de islamitische voorschriften voor voedselbereiding. In beginsel komt dat er op neer dat het vlees dat voor de maaltijden wordt gebruikt afkomstig is van dieren die volgens bepaalde islamitische richtlijnen werden geslacht. U moet die richtlijnen maar eens bestuderen. Als ze correct worden toegepast, valt er niks op af te dingen. Uw smaakpapillen zullen er niet onder lijden. Maar onze anonieme briefschrijver moet er dus niet van weten. Want, zo stelt hij, “met deze maatregel wordt de breuklijn tussen de gemeenschappen alleen maar groter? en de neutraliteit van de school komt in het gedrang. Bovendien verwijt hij “de ploeg van Philippe Moureaux? cliëntelisme. Politieke klantenbinding, that is.

Klantenbinding? Daar heeft onze anonieme briefschrijver een punt. Maar laat ik eens de spreekwoordelijke knuppel in het hoenderhok gooien. Wat is er mis met klantenbinding en klantgerichtheid? Het zijn principes van de marketing en de markteconomie. Die mogen toch worden toegepast? Ook in een school. Want leerlingen zijn klanten, sûr et certain.

De snackbar die ik regelmatig frequenteer verkoopt o.a. snacks met zalm, kalkoen, kip en kefta (lams- of rundergehakt). Daarmee komt men ongetwijfeld tegemoet aan de wensen van de moslimklant. Als men niet verkoopt wat de klant vraagt, dan gaat de klant elders. Zo eenvoudig is dat.

In elk zichzelf respecterend restaurant of eethuis vindt men tegenwoordig een vegetarische kaart. Soms is die karig, soms verrassend uitgebreid. Veggie-friendly noemt men dat. Met mijn vegetarische vrienden ga ik niet eten in een steakrestaurant in het quartier abattoir. En ik zal het niet wagen om in de Kartuizersstraat een chateaubriand te bestellen.

De wet van vraag en aanbod. Men verkoopt wat goed in de markt ligt. Als het merendeel van je klanten halal bereide maaltijden vraagt, dan bied je die gewoon aan. Het niet doen zou getuigen van een buitengewoon ondermaats ontwikkelde koopmansgeest.

Plat commercialisme, zegt u? Ja natuurlijk, maar mag het even? Een school is geen handelszaak, zegt u? Dat klopt, maar een school heeft wel klanten: leerlingen en vaker nog… hun ouders. U mag me gerust van marktfundamentalisme beschuldigen.

Als supermarkten, snackbars en fastfoodrestaurants een steeds groter wordende vraag naar halal-producten vaststellen en op die trend inspelen, waarom zouden scholen dat dan niet doen? Scholen bieden toch ook allerlei andere voordelen aan die niets met hun onderwijskundige opdracht te maken hebben. Waarom ze dat doen? Om de leerlingen en hun ouders te paaien natuurlijk. Vroeger lokten scholen leerlingen met warme maaltijden. Nu zijn die maaltijden niet alleen warm, maar halal op de koop toe. Mein Liebchen, was willst du mehr?

Patrick Vanhoucke
Brussel (Laken)

Share