Manifesteer voor uw recht op wonen.

Brusselse Bond voor het Recht op Wonen

RECHT OP WONEN – EEN GRONDWETTELIJK RECHT VOOR IEDER

Manifesteer voor uw recht op wonen

VRIJDAG 16 JUNI 2006 OM 12U

Nieuwe Graanmarkt – 1000 Brussel

De vzw Brusselse Bond voor het Recht op Wonen ( BBRoW ) werkt al jaren rond de woonproblematiek in Brussel : te weinig sociale woningen en hoge huurprijzen op de privé-markt . Dit werkt de verpaupering van de Brusselaar in de hand en veroorzaakt stadsvlucht.

Daarom vraagt de BBRoW aan de Brusselse regering om het aantal sociale woningen te verdubbelen en om een huurtoelage in te voeren, gekoppeld aan een controle van de huurprijzen.

Lees de basistekst van de manifestatie en mail om deze tekst te ondertekenen.

Eerder gepost op BrukselBraaksel.

Share
  • “Dit kan onder andere door de hervorming van de woonfiscaliteit en door het opstellen van referentiehuurprijzen.”

    Kan je mij bovenstaande eens uitleggen… hervorming woonfiscaliteit is een ruim begrip!

  • @ Mike : sorry, ik moet je het antwoord schuldig blijven. Ik weet niet hoe de BBRoW deze hervorming invult. Ik kan wel eens informeren voor je, want een collega van mij zetelt namens mijn werkgever in deze organisatie.

  • Graag.

    Referentiehuurprijzen is ook al zo’n ruim begrip. Referentieprijzen worden meestal gedefinieerd in functie van oppervlakte en kamers.
    De locatie van de woning is een te varierende factor om mee rekening te houden in referentiehuurprijzen, nochtans speelt dat een belangrijke rol (naast Ter Kameren of naast het Noordstation…). Ook het begrip kamer is ruim! Soms is er sprake van een 2 kamers waarbij kamer 1 als te ruime slaapkamer kan worden ingericht en kamer 2 kan je nauwelijks een bureautje binnen krijgen.
    Riskeren we zo niet om naar een overreglementering te gaan?

    Btw, ik heb niet de indruk dat de huurprijzen de laatste 5 jaar waanzinnig veel gestegen zijn (3 jaar terug was er sprake van ee lichte achteruitgang in vele buurten), ttz. toch niet veel hoger dan de indexeringen.
    Over een eventueel tekort aan sociale woningen spreek ik me niet uit…

  • Wat betreft de huurfiscaliteit heb ik volgend citaat van de site van BBRoW geplukt :

    “De huidige huurwoningfiscaliteit bevoordeelt eigenaars die speculatieve huurprijzen aanrekenen. Wij pleiten voor een evenwichtige huurwoningfiscaliteit die is gebaseerd op de reële huurinkomsten en die eigenaar-verhuurders die gematigde huurprijzen vragen een fiscaal voordeel oplevert. Daarom pleiten we ook voor de verplichting voor de eigenaar-verhuurders om in het aanslagbiljet voor personenbelasting de reële huurinkomsten te vermelden.”

    Ik ben geen rechtsgeleerde noch fiscaliteitsspecialist ( noch verhuurder ), dus de finesses van de huurfiscaliteit ken ik niet. Ik lees in bovenstaand citaat de intentie om de huidige belasting op kadastraal inkomen te herzien zodat die belasting niet alleen rekening houdt met de geschatte waarde van het pand, maar ook met de reële huurinkomsten. Dit lijkt mij een rechtvaardiger en juister belasting, temeer daar de belasting op kadastraal inkomen gebaseerd is op een schatting die voor het laatst is gebeurd in 1975. Ik stel mij voor dat bepaalde panden intussen in waarde gestegen zijn, andere gedaald : sommigen betalen dus teveel, anderen te weinig.

    Tussen haakjes: als de belasting op inkomsten uit vastgoed en huur correcter gebeuren kan dit een verlichting van de belastingsdruk op inkomsten uit arbeid opleveren. Ik hoor al een tijd van partijen links en rechts de analyse dat de belasting op arbeid te hoog is. Wel, dit is één mogelijke piste om daar iets aan te doen.

    Vermindering van de belasting op arbeid : het moet werknemers én werkgevers als muziek in de oren klinken.

  • wat tekort aan sociale woningen betreft heb ik volgend citaat uit het memorandum van de BBRoW opgevist :

    “In vergelijking met de meeste andere Europese landen heeft het Brusselse Gewest één van de laagste percentages aan sociale huisvesting: 8%. In Frankrijk zijn er 17% sociale woningen, in Nederland 36%, in Groot-Britannië 24% en in Duitsland 26%.”

    Ik vind dit een wat manklopende vergelijking, omdat men een hoofdstedelijk gewest vergelijkt met volledige landen, inclusief hun kleinste gemeenten dus. Ik ben dan ook op zoek gegaan naar vergelijkende cijfers van steden, maar heb die niet gevonden.

    Wel lijkt 8% mij idd een laag percentage. Als zelfs de percentages in de buurlanden inclusief hun niet-stedelijke gebieden hoger liggen, lijkt mij dat toch een indicatie.

    Een andere zaak is dat het aanbod op dit moment niet voldoet aan de vraag, getuige de wachtlijsten. Ik citeer opnieuw de BBRoW :

    “Op de wachtlijsten van de openbare vastgoedmaatschappijen in Brussel, bevinden zich zo’n 25.000 gezinnen.”

    Dat is dus een tekort van minstens 25.000 woningen, aangezien op de wachtlijst alleen gezinnen komen te staan die volgens de bestaande toelatingsvoorwaarden recht hebben op een sociale woning én die een aanvraag hebben gedaan. De intentie om 5000 woningen te bouwen in de vijf jaar van de huidige legislatuur, valt dus wat matig uit. De regering is intussen anderhalf jaar bezig, en er is nog geen begin gemaakt van het opzetten van deze bouwoperatie : reden tot ongerustheid dus…

  • wat betreft de referentiehuurprijzen citeer ik opnieuw de BBRoW :

    “het vastleggen van referentiehuurprijzen per type woning, in functie van de geboden kwaliteit en de woonomgeving. Als basis voor deze referentiehuurprijzen kunnen de resultaten dienen van de enquête uitgevoerd in het kader van het ‘Observatorium van de huurprijzen’.”

    Daaruit blijkt dat men wel degelijk wil rekening houden met de omgeving van het verhuurde pand. Als men het heeft over geboden woonkwaliteit zal men veronderstel ik idd rekening houden met woonopp, aantal kamers, opp per kamer, geboden comfort ( aanwezigheid van bv bad/douche, keukenvoorzieningen, garage, …).

    Dat men hierbij niet over één nacht ijs is gegaan mag blijken uit het feit dat men zich bij de BBRoW voor dit voorstel baseert op academisch onderzoek. Dit voorstel is gegroeid uit studiedagen waaraan onderzoekers van de KUL en Université St-Louis hebben deelgenomen.

    Wat het argument van overreglementering betreft : het gaat om referentieprijzen, niet om opgelegde huurprijzen. Wellicht zal het volgen van de referentieprijzen de verhuurders een belastingvoordeel opleveren, maar iedere verhuurder behoudt het recht om zélf de huurprijs van zijn woning te bepalen.

    Overigens vind ik ‘overreglementering’ altijd zo’n lauw argument. Reglementering is een middel van de Staat, dus de bevolking, om de spelregels te bepalen. Als men niet reglementeert laat men het over aan éénieder om te doen wat hem/haar goeddunkt. Dan staat de deur voor misbruik wagenwijd open…

  • Wat betreft de stijging van de huurprijzen : ik heb evenmin als jij cijfers om dit aan te tonen of te weerleggen. Ik baseer mij echter op mijn dagelijkse beroepspraktijk om te stellen dat die er wel degelijk is.

    Ter verduidelijking : ik werk dagelijks met thuisloze/dakloze jongeren, met wie ik o.a. op zoek ga naar een betaalbaar app. Ik moet vaststellen dat dit steeds moeilijker wordt. De app. zijn vaak te duur voor leefloners zoals mijn cliënten, ze zijn door het beperkte aanbod in enkele uren tijd al opnieuw verhuurd, of ze zijn te omschrijven als ‘kruipkelders’ zonder elementaire voorzieningen.

    Het is ook vanuit dit werk dat ik zo bekommerd ben om het woonprobleem en er hier over spreek. Ik heb geen persoonlijke of politieke redenen om dit probleem onder de aandacht te brengen, alleen een bezorgdheid om de toekomst van de jongeren waarmee ik dagelijks werk. Dagelijks bots ik op de realiteit dat steeds meer jongeren op ons beroep moeten doen én dat het steeds moeilijker wordt om hen terug aan een bewoonbare plek te helpen. Dan ga ik op zoek naar redenen én naar manieren om hier aan te verhelpen.

    Dàarom heb ik de oproep van BBRoW om te manifesteren hier en op mijn eigen blog gepubliceerd en ondersteun ik die ook.

    Voor de theoretische onderbouw van de oproep en de concrete invulling, vertrouw ik volledig op de expertise van de BBRoW. De BBRoW is immers niet één of ander links-extreem splintergroepje maar een koepel van erkende sociale organisaties zoals opvanghuizen, sociale verhuurkantoren, huurdersbonden e.d. Voor hun stellingen baseren ze zich steeds op academisch onderzoek.

    Uit hun website blijkt dit ook. Als je nog vragen zou hebben over deze oproep verwijs ik dan ook graag naar dit adres : http://www.rbdh-bbrow.be/index.htm. Lees vooral het memorandum eens…

  • marcel

    Sociale woningen zijn een grap in Brussel. Ikzelf kocht een aantal jaar geleden een gesubsidieerde woning (via de GOMB). Deze woningen zijn voorzien voor mensen met een bescheiden inkomen. Er zijn echter weining mensen met een bescheiden inkomen die bij ons wonen.
    Enkele voorbeelden:
    1. Iemand kocht 4 appartementen in het gebouw (Niet slecht voor iemand met een bescheiden inkomen)
    2. Enkele BVBAs hebben sociale woningen gekocht
    3. In de garage kan je BMW, Audi, Jaguar, Saab, … vinden.
    4. ….

    Sociale huisvesting is een goede manier om een perfecte investering te garanderen voor de meer begoede bevolking.
    Koop een woning aan een enorm goedkope prijs en verkoop de woning met een enorme winst na 10 jaar (verplichte wachttijd om de woning te kunnen verkopen zomder gebonden te zijn aan bepaalde regels)

  • g.

    vrijdag betoging voor recht op wonen!
    een paar reacties op wat vooraf gaat.
    Sociale huisvesting is een grap, zegt Marcel. En dan spreekt hij over de woningen van de GOMB. Dit zijn helemaal geen sociale woningen. Deze woningen zijn uitdrukkelijk gericht op de middenklasse. De bedoeling is niet om armen te huisvesten, maar juist om rijkeren naar de binnenstad aan te trekken. Men kan zich inderdaad afvragen of deze politiek vandaag, nu Brussel weer populair is, nog veel zin heeft. Maar om de sector van de sociale woningen hierop af te rekenen, dat slaat nergens op.
    Over de controle van de huurprijzen en de woonfiscaliteit: er is iets raars aan de hand met die fiscaliteit. De meeste belastingen op inkomsten zijn, logisch, afhankelijk van het inkomen. Een loontrekkende betaalt meer belastingen als hij meer verdient, een bedrijf betaalt belastingen in functie van haar winsten. Niet zo de verhuurder van woningen. Iemand die een appartement verhuurt aan 300 € betaalt daarvoor evenveel belastingen als iemand die hetzelfde appartement aan het dubbele van de prijs verhuurt. Dat is onlogisch, fundamenteel oneerlijk, en bovendien, het zal er zeker niet toe bijdragen dat de verhuurder zijn huurprijs zal verlagen. Daarom moet de verhuurders van woningen belast worden op basis van de huurinkomsten, en niet op basis van het kadastraal inkomen, zoals nu gebeurt. Dat K.I. is een dertig jaar geleden vastgelegde waarde die de geschatte huuropbrengst voor elke woning in ons land bepaalt. Onnodig te zeggen dat deze waarde vandaag niet meer met de realiteit overeenkomt. Belasten op de reële huuropbrengsten dus. Wie 300€ huuropbrengsten ontvangt betaalt minder belastingen dan wie er 600 ontvangt. Maar dat is nog niet helemaal eerlijk, en de invloed daarvan op de hoogte van de huurprijzen zal minimaal zijn. Want, wie 300€ voor een onbewoonbare kelder vraagt zal dan evenveel betalen als wie hetzelfde vraagt voor een correct appartement. De oplossing: referentiehuurprijzen opstellen (maw, bepalen wat een correcte huurprijs voor een bepaalde woning is). Dit is niet zo ingewikkeld als het lijkt, het is al gebeurd: op het ogenblik dat het KI van alle woningen is vastgelegd. Het volstaat om, zoals trouwens in de wet voorzien is, deze kadastrale inkomens te herzien en te laten overeenkomen met de werkelijke situatie vandaag. Eens de referentiehuurprijzen zijn vastgelegd kan de fiscus die gaan vergelijken met de huurprijs die de eigenaar ontvangt. Is die gelijk aan of lager dan de referentiehuurprijs, dan geniet de eigenaar een gunstig fiscaal tarief. Is de prijs hoger, dan is de belastingsvoet hoger. Zo worden eigenaars aangemoedigd een redelijke huurprijs te vragen. En investeren zij daarnaast nog in de renovatie van hun woning, dan zouden zij dit moeten kunnen aftrekken.
    Wil je meer weten, kijk op de website van de bbrow (http://www.rbdh-bbrow.be) Een van de tijdschriften (art 23) gaat volledig over dit onderwerp.
    Tenslotte: kom vrijdag mee betogen, afspraak om 12 u op de nieuwe graanmarkt