Raak in de roos te Etterbeek

Gisteren kreeg ik het nieuwe blad van de gemeente Etterbeek in de bus. “Leven te Etterbeek/La vie Etterbeekoise” wil de inwoners maandelijks informeren over wat er reilt en zeilt in de gemeente. De eerste editie bevat onder meer informatie over huisvesting en de inzameling van grofvuil, een in december gehouden colloquium over de tewerkstelling van gehandicapten, een overzicht van werkzaamheden en een agenda.

En dat in twee talen? Ik citeer de eerste zin van de Nederlandse versie: “Als de meest sceptische twijfelden aan het belang van het publiek opgewekt door de formule voor de verwerving via opstalrecht, werden ze vast en zeker op 10 december ll gefixeerd.” Een openingszin die kan tellen! Pas als ik de originele tekst in het Frans erbij haal, meen ik te begrijpen dat sceptici die twijfelden aan de belangstelling van het publiek voor de verwerving van opstalrecht, op 10 december ongelijk gekregen hebben.


Qua onbegrijpelijkheid is deze frase onovertroffen, maar het taalgebruik laat ook in de rest van de krant te wensen over. Het is archaïsch Nederlands, de formuleringen zijn omslachtig en warrig, het wemelt van de spel- en drukfouten, er wordt tegen de grammatica gezondigd. Voorbeelden: uitgeoefent, opstarecht, brusselse, de eersten zullen de eerst bediend worden, zich onderscheiden door zich op de vierde plaats te plaatsen, deze reuze-forum, het grote verdienste, de uitgebracht CD, gemaak, gestest, datas, het handicap, intervenanten, informaties, etterbekenaren, om het even de wijk waar ze wonen, het jeugdhuis en haar muzieklabel, raak in de roos schieten… Let wel: deze bloemlezing komt uit twee pagina’s tekst.

Nee, ik vind dit geen kaakslag voor de Vlamingen. Bij de aanvraag van mijn identiteitskaart in Etterbeek werd ik in goed Nederlands bediend. Bovendien heb ik er niets op tegen om in winkels en restaurants Frans te spreken, aangezien dat hier de taal van de meerderheid van de bevolking is en het ook goed is voor mijn eigen talenkennis. Het is wel een gemiste kans voor Etterbeek om zich in de schriftelijke communicatie als tweetalige gemeente te presenteren. Volgende keer beter, of om het in de Etterbeekse huisstijl te zeggen: “Dientengevolge wachten we met veel interesse het resultaat van de evaluatie van deze gemeentelijke handeling.”

Ook niet-Etterbekenaars kunnen meegenieten van de krant op de gemeentelijke website.

Tom Van Bogaert

Share

AboutTom

Nieuwe Brusselaar met een passie voor taal, cultuur en journalistiek. Geboren in Sint-Niklaas. Studeerde Germaanse talen in Gent en woonde na zijn studie zes jaar in Berlijn. Houdt zich bezig met beleid en communicatie binnen de Vlaamse overheid en is journalist in bijberoep.
  • Jay

    ik vrees dat bovenstaand voorbeeld mooi het principe ‘roeien met de riemen die men heeft’ illustreert. men kan dat jammer vinden, men kan ertegen protesteren, men kan het over zich laten heen gaan. een echte oplossing zie ik namelijk niet (tenzij ze mij in het zwart elke maand een zaterdagje betalen om hun Nederlandstalige publicaties te redigeren 🙂
    kwaliteit kost immers geld, en dat investeert men allicht liever ergens anders in?

  • Jay schreef:

    een echte oplossing zie ik namelijk niet (tenzij ze mij in het zwart elke maand een zaterdagje betalen om hun Nederlandstalige publicaties te redigeren kwaliteit kost immers geld

    Jay heeft daar wel degelijk een punt. Nog te veel (gemeentelijke) overheden denken volgens het principe “wat we zelf doen, doen we beter”, terwijl er toch voldoende professionele vertaalbureaus bestaan die je een degelijke vertaling kunnen afleveren. Oké, dat kost geld. Maar als ik burgemeester was van een Brusselse gemeente, dan zou ik geen modderfiguur willen slaan tegenover mijn Nederlandstalige medeburgers met een slechte vertaling, zelfs als die medeburgers sterk in de minderheid zijn. Dat is namelijk slecht voor het imago en het versterkt bij de Nederlandstaligen alleen maar het beeld dat hun Franstalige bestuur hen couilloneert of hen als quantité négligeable beschouwt. En je zou toch denken dat je dat als gemeente te allen koste wil vermijden. Brusselse gemeenten zijn bovendien tweetalig en moeten alle burgers dus in de beide landstalen op een evenwaardige manier informeren. Zo niet, is er sprake van discriminatie.

  • Taalfouten discriminatie noemen vind ik wat vergezocht.

    Vrijwel alle Brusselse gemeentelijke bladen hebben iets in deze trend. Ik denk dat het probleem met vertaalbureaus e.d. ook veel kan te maken hebben met de tijd die het in beslag neemt. En in je verslag op het einde van het jaar zal het ook maar slecht staan als zogezegd tweetalig stadsbestuur dat je een vertaalbureau moet gebruiken.

  • Jo

    Ik zou niet dadelijk beroep doen op een vertaalbureau. Ik heb daar heel slechte ervaringen mee. Zo slecht dat ik ze durf te veralgemenen toe een stel amateurs. (duur betaalde weliswaar). Ze hebben het daar altijd zo druk dat ze de opdracht uiteindelijk doorspelen naar een iets minder gekwalifieerd iemand met alle gevolgen vandien.

    Vertel me nu niet dat er in het hele gemeentenhuis niemand is dat het Nederlands machtig is. Ik dacht dat er bij de ambtenarij een graad bestond van “opsteller”. Zo iemand zou zo’n tekst toch wel moeten kunnen filteren ?

    Het feit dat een gemeentebestuur zo’n draak van een vertaling aflevert, is dus inderdaad een mooie illustratie van het belang dat ze aan het Nederlands en de Nederlandstaligen hechten (quantité négligeable etc.).

  • Jo schreef:

    Ik dacht dat er bij de ambtenarij een graad bestond van “opsteller”. Zo iemand zou zo’n tekst toch wel moeten kunnen filteren ?

    De graad van opsteller bestaat niet meer. Dit komt (samen met de vroegere graad van klerk) tegenwoordig overeen met niveau C.

  • Jemenfish schreef:

    Taalfouten discriminatie noemen vind ik wat vergezocht.

    Als niet-occasionele taal- en zinsbouwfouten (want daarover gaat het in dit geval, niet over een toevallige dt-fout) in een gemeentelijke tekst ertoe leiden dat een deel van bevolking (de Nederlandstaligen) slecht of verkeerd geïnformeerd wordt en als bewezen kan worden dat de gemeente (die in Brussel tweetalig dient te zijn) niet de nodige inspanningen heeft geleverd om een deugdelijke tekst af te leveren (al dan niet met de hulp van een extern vertaalbureau) dan vind ik dat er wel degelijk sprake is van desinformatie en dus van discriminatie.

  • Discriminatie zou zijn als ze dat boekje in het Frans zouden verdelen. Dit is een beetje ‘roeien met de riemen die je hebt’ voor Etterbeek, vrees ik. Ze staan heus wel open voor Vlaamse initiatieven en de diensten waarmee ik al in contact kwam waren vriendelijk, maar als ik nu even terugkijk is ondertussen alle communicatie uit noodzaak in het Frans.

    Laat het ons ook zo stellen: Zou er tussen ons niet ten minste 1 iemand zitten die er die paar uur zou willen voor uittrekken om die tekst na te lezen en corrigeren? Me dunkt wel, maar dat zal iemand op de desbetreffende diensten voor de borst stoten. Ik vermoed dat alles daar een beetje muurvast zit om de schijn van tweetaligheid hoog te houden, weet je wel…

  • erik

    ‘roeien met de riemen die je hebt’

    Astemblief hé zeg… (geen commentaar verder…) :-/

  • Tom

    Bedankt voor de reacties! Het was mijn eerste bijdrage voor de blog en ik ben vereerd dat mijn artikel een discussie op gang brengt. Ik vind “discriminatie” een politiek geladen begrip. In dit geval vind ik de term overdreven. Zoals gezegd heb ik al positieve ervaringen gehad met de burgerlijke stand van Etterbeek. Als nieuwe Brusselaar merk ik dat vele Franstaligen in de stad moeite doen om Nederlands te spreken. Maar uit deze publicatie blijkt vooral amateurisme. Ik wil het probleem eens aankaarten bij de gemeente. Desnoods vormen we in Etterbeek een werkgroep “Nederlandstalige publicaties redigeren” 🙂

  • Pieter

    Niet op alle slakken zout leggen zou ik zeggen.
    Ambtelijke taal is per definitie nodeloos ingewikkeld en soms, zoals in dit geval, onbegrijpelijk.
    Op hoge toon een in perfect Nederlands gesteld document eisen maakt een enigszins gezwollen indruk tegen de achtergrond van het feit dat minstens de helft van de Vlamingen zelf die op de VRT verschijnen consequent ondertiteld wordt.

  • skywalker

    Ik weet vaak niet waarom die ondertitels plots nodig zijn. Vroeger deed men dat niet terwijl mensen toch niet beter spraken. Bovendien gebruikt men soms ondertitels bij mensen die perfect spreken. Dan krijg je ondertitels die exact herhalen wat de stem zegt. Ondertussen is dat wel het argument geworden van de franstaligen: nederlands (flamand) is toch geen taal: ze moeten zichzelf ondertitelen. Het lijkt mij eerder een modefenomeen of misschien is er gewoon een winstgeven industrietje ontstaan dat iedereen goed uitkomt. Iemand een idee?

  • Over dat ‘elkaar’ ondertitelen is al veel inkt gevloeid in taalkundige en andere kringen, wees gerust. Er zijn verklaringen voor. Het is vooral een soort kettingreactie geweest; aanvankelijk werden de ‘ergste’ gevallen ondertiteld, maar dat waren naar de ‘binnenlandse’ normen natuurlijk vooral West-Vlamingen en Limburgers (denk ook aan de hilarische fragmenten in In De Gloria). Als reactie daarop – en om een beetje politiek correct te blijven – is men ook andere mensen gaan ondertitelen die sterk gekleurd spraken, en uiteindelijk werd bijna iedereen ondertiteld door dat spelletje. We ondertitelen trouwens niet alleen ‘elkaar’; denk bijvoorbeeld maar aan de ondertitels die er nu zijn bij alle Nederlandse reeksen (hoe verstaanbaar ook) of omgekeerd, reeksen als Windkracht 10 of Flikken (waar door de hoofdpersonages altijd zeer verzorgd gesproken werd) ook steevast ondertiteld in Nederland.

    Dus ergens een modefenomeen, maar ook wel (en dan vooral in het geval van de Nederlandse reeksen) onder het motto ‘baat het niet, dan schaadt het niet’. Het gevolg is intussen wel dat we het (Noord-)Nederlands steeds minder goed begrijpen in België en vice versa, maar dat lijken de beleidsmakers op dit gebied wel eens uit het oog te verliezen.

    Gelukkig is deze trend de laatste jaren omgebogen; op de VRT is dat ook grotendeels te danken aan de taaladviseur, die altijd een sterk beleid heeft gevoerd tegen dat overbodige ondertitelen. Ga bijvoorbeeld eens een paar van z’n columns zoeken op VRTtaal.net.

  • Stefan

    “Bovendien heb ik er niets op tegen om in winkels en restaurants Frans te spreken, aangezien dat hier de taal van de meerderheid van de bevolking is en het ook goed is voor mijn eigen talenkennis.”

    Die brave, onderdanige Vlamingen toch. En dat in je eigen, officieel tweetalige hoofdstad.

    Hier is een mooie link voor je:

    http://en.wikipedia.org/wiki/Uncle_Tom

  • Die discussie is hier elders al eens gevoerd, dacht ik.

    Je moet volgens mij een onderscheid maken tussen contacten met officiële instanties (gemeente, gewest, ziekenhuizen, brandweer, politie,…) en in de privé-sfeer (winkels, café’s, restaurants,…).

    In officiële contacten is het logisch dat je zowel in het Frans als het Nederlands bediend kan worden, en daar kan je als Nederlandstalige gerust op je strepen staan omdat dit wettelijk zo voorzien is.

    In de privé-sfeer is het realistisch rekening te houden met de feitelijke situatie; recente studies wezen nog uit dat het Frans de taal is die door de meeste Brusselaars gekend is, gevolgd door het Engels, en pas op de derde plaats het Nederlands. Als je dit weet en er rekening mee houdt dat de mensen die je op café of in de winkel bedienen meestal niet de hoger opgeleiden (bij wie een betere talenkennis verondersteld kan worden) zijn, vind ik het niet abnormaal dat je niet overal in het Nederlands geholpen wordt – al zijn er zeker heel wat zaken waar men deze inspanning wel wil doen. Het Frans is hierdoor de “lingua franca” geworden van Brussel, al is (zo blijkt ook uit studies) het aantal van geboorte Franstaligen nu ook al gezakt onder de 50% in Brussel.

    Vergelijk het met bvb. New York, waar de in de samenleving gebruikte taal het Engels is, terwijl heel wat inwoners van geboorte niet Engelstalig zijn.

  • Rik Jellema

    Beste terecht geërgerde Nederlandstalige lezers van “Leven te Etterbeek”,

    Als gemeenteraadslid van Etterbeek klaag ik al sinds 2000 dit soort toestanden aan, eerst vanuit de oppositie en sinds dit jaar vanuit de meerderheid.
    Het probleem is complex: ambtenaren die zogenaamd tweetalig zijn (premie!) zijn nog geen vertalers, en mensen met een woordenboek bij een “vertaal”bureau zijn ook niet altijd (goede) vertalers.
    Ik weet waarover ik spreek: ik ben als ik niet aan politiek doe zelf vertaler.
    Wat is de oplossing? De Dienst Nederlandstalige Cultuur elke publicatie laten controleren voor ze de deur uitgaat?
    Van uw Vlaamse schepen eisen dat hij dit soort onzin niet laat passeren (en anders niet meer voor hem stemmen)?
    Uw gemeentebestuur (en met name de burgemeester) schrijven dat u dit niet acceptabel vindt (en anders niet meer voor hem stemmen)?
    Een combinatie van dit alles kan voor (tijdelijke) beterschap zorgen.
    Probleem is alleen dat je er zo moe van wordt het altijd maar weer te moeten herhalen.
    Echt, het is vaak geen onwil maar eerder onkunde en onbegrip (voor wat verzorgd modern taalgebruik is, ook in het Frans overigens!).
    Ik van mijn kant blijf hameren op het belang van goede wil, goede kunde en goed begrip.
    Voor de goede verstaander, lees het artikeltje over het mobiele containerpark (en niet “stortplaats”!) in Leven te Etterbeek/La Vie Etterbeekoise van ondergetekende eens in het Frans én het Nederlands.
    U zult zien dat het het enige van het hele krantje is dat in beide talen correct is.
    Hoe zou dat toch komen?

    Rik Jellema
    fractieleider Ecolo-Groen! in de Etterbeekse gemeenteraad

  • Rik Jellema schreef:

    Voor de goede verstaander, lees het artikeltje over het mobiele containerpark (en niet “stortplaats”!) in Leven te Etterbeek/La Vie Etterbeekoise van ondergetekende eens in het Frans én het Nederlands. U zult zien dat het het enige van het hele krantje is dat in beide talen correct is. Hoe zou dat toch komen?

    Omdat u een Fries bent natuurlijk. En dat is geen grap. De Friezen hebben in Nederland decennialang voor de erkenning van het Fries als administratieve taal gestreden. Wellicht hebben ze daardoor (bij wijze van spreken) een gen ontwikkeld (of misschien eerder een meme) dat hen toelaat op een genuanceerde (zelfs gevoelige) manier om te gaan met talige aspecten en de invloed die taalgebruik maatschappelijk kan hebben.

  • sixpack

    Zulk beroerd Nederlands als in de Etterbeekse gemeentekrant komt natuurlijk door een slordige vertaling, wellicht door geldgebrek of desinteresse.

    Nu is één optie om met z’n allen in put te gaan zitten klagen over de beroerde en benarde postitie van het Nederlands in Brussel.
    Een andere optie is om deze nieuwe verdraaide bijdragen aan het Nederlands te koesteren en ervan te genieten.

    In het Engels gebeurt iets vergelijkbaars met het “Engrish”. Dat is een soort Engels, vaak van Aziatische oorsprong, dat aan alle kanten rammelt. http://en.wikipedia.org/wiki/Engrish. Engrish is leuk en wordt op grote schaal verzameld. http://www.flickr.com/photos/tags/engrish/interesting/

    Dus voor het Nederlands zou er zoiets moeten bestaan als het “Neelrandais” of “Vaalms” of “Nedelrands”: een rammelend soort Nederlands van franstalige makelij. En Brussel zal de ideale plek zijn om dit soort taalgebruik te vinden.

    Ik denk dat het een leuke en interessante sport kan zijn om de fraaiste stukje Neelrandais te verzamelen en te bewaren voor het nageslacht.

  • sixpack

    En dan nog een vraag: een Fries gemeenteraadslid van Etterbeek … hoe dat?

  • sixpack schreef:

    En dan nog een vraag: een Fries gemeenteraadslid van Etterbeek … hoe dat?

    Ik heb het over zijn racines natuurlijk, niet over zijn nationaliteit.

  • henkovic

    Hallo,
    Op het gemeentehuis van Etterbeek word ik altijd vriendelijk in het Nederlands geholpen. Maar die officiële publicaties van de gemeente, die zijn vaak onverstaanbaar in het Nederlands. Dat is geen staatszaak, maar toont toch aan dat het Nederlands maar als een tweede rangstaaltje wordt beschouwd. En dit terwijl nogal wat jongeren en nieuwe Belgen tijd en moeite investeren om wat Nederlands te leren…
    Bij die tientallen gemeentelijke ambtenaren zal toch wel iemand zitten die Nederlands spreekt, en af en toe eens een tekst kan nalezen,… In het zesde studiejaar heb ik voor minder mijn huiswerk opnieuw moeten maken.

    De gemeentelijke website is ook ronduit hilarisch:
    “Op het terrein controleren de parkeerstewards het correcte voeden van de parkeerklokken.”
    “Laat de oudere beelden van Etterbeek langzaam voorbijtrekken.” (Découvrez la galerie d’images des anciens quartiers d’Etterbeek…)
    enzovoort…

    Lang geleden (maar sindsdien is er dus weinig veranderd) heeft Brusselnieuws er ook eens een artikeltje over geschreven, een aanrader!
    http://www.brusselnieuws.be/site/rubrieken/1091053972/page.htm?&newsID=1110379319

  • jo

    De homepage van etterbeek is het al meteen raak.

    “Na enkele maanden afwezigheid keert uw gemeentelelijke krant terug in uw brievenbussen!”

    Dat zegt al genoeg over die krant.

  • Ik leef zelf in Elsene, en hier krijgen wij ook regelmatig zo’n tweetalig krantje in de bus. Ik heb die al enkele keren vergeleken, maar het aantal taalfouten in het nederlands is bijna nihil, net zoals in het Frans trouwens (op wat ingewikkelde administratieve zinsstructuren na natuurlijk)

    Misschien ideetje voor de mensen van Etterbeek, kom eens kijken hoe de buren het doen…

  • Stefan

    @Frank

    “Vergelijk het met bvb. New York, waar de in de samenleving gebruikte taal het Engels is, terwijl heel wat inwoners van geboorte niet Engelstalig zijn.”

    Voor zover ik weet is NYC geen officieel tweetalige stad, dus die vergelijking gaat niet op.
    En uiteraard kunnen we alles blijven kapot relativeren en het hebben over die arme franstaligen die note bene zelf Engels als tweede taal hebben ingevoerd en daardoor geen Nederlands spreken.

    Ik weet wel 1 ding: ik probeer steeds de taal van de klant te spreken, en als ik die taal niet ken zal ik wel steeds een native woordje ertussen proberen te gooien. Tot in het Pools, Russisch en Italiaans toe.
    Alleen les pauvres francophones kunnen niet eens 2 woorden Nederlands onthouden: “alstublieft” en “bedankt”.
    Met uitzondering van degenen die wel hun best doen, helaas zijn die zwaar in de minderheid in Brussel.

  • Tom

    @Stefan

    Ik wou je nog bedanken voor de literatuurtip. “De negerhut van oom Tom” zou ik toch echt eens moeten lezen.

    Ik begrijp dat je het frustrerend vindt dat bepaalde Franstaligen geen woord Nederlands spreken. Ik vind het ook spijtig en beschouw het als een pluspunt als ik in Brussel in het Nederlands bediend word.

    Ik word alleen moe van de ideologische, principiële benadering van sommige Vlamingen. Tijd voor een gezond pragmatisme. Dat betekent: erkennen dat Frans de lingua franca in Brussel is en tegelijk de meertaligheid van de stad appreciëren. Ik vind het een enorme troef van de stad dat je hier verschillende talen hoort en ook zelf van taal kunt wisselen naargelang van de gesprekspartner. Dus: als ik als Vlaming Frans spreek is dat niet onderdanigheid, maar omdat ik een meertalige Brusselaar ben/wil zijn. En mijn moedertaal blijft uiteraard het Nederlands.

  • Henkovic

    @Tom: “Ik word alleen moe van de ideologische, principiële benadering van sommige Vlamingen.”
    Ik word daar in het algemeen ook moe van hoor, maar hier gaat het toch niet om een louter ideologische benadering. Een gemeente heeft een voorbeeldfunctie en zou in de schriftelijke contacten met zijn inwoners dus een correct taalgebruik moeten hanteren. Dat geldt zo in Antwerpen, moerbeke-waas en voor mij dus ook in Etterbeek. Het gaat hier ook niet om enkele foutjes, of een gebrekkig nederlands van een ambtenaar (waar ik helemaal geen probleem mee heb), maar wel om een probleem dat reeds lang geleden gesignaleerd werd, tot in de gemeenteraad toe, en dat ook vrij eenvoudig aan te pakken is (bijvoorbeeld een nederlandstalige die de officiële publicaties naleest). Wat van de kinderen op school verwacht wordt, mag ook van een gemeente verwacht worden.

  • Tom

    @Henkovic: Helemaal akkoord! Daarom heb ik ook het artikel geschreven. Een tweetalige gemeente moet inderdaad zorgen voor een behoorlijke communicatie in de beide talen. En dat is in Leven te Etterbeek/La Vie Etterbeekoise – op de gastbijdrage van Rik Jellema na – niet het geval.

  • Rik

    Suite et fin?

    Het 2e nummer van Leven te Etterbeek al gelezen?
    De Nobelprijs voor de literatuur verdient het niet, maar het is al een stuk beter: gewoon stijf en stram “Brussellands”, zij het deze keer zonder al te veel storende taalfouten en spellingsbokken.
    Het spijtige van de zaak is dat je altijd weer op dezelfde nagel moet kloppen om gehoord te worden.
    Nu de gemeetelijke website nog eens stevig onderhanden nemen.
    Mijn raadslidvingers jeuken al!
    Die van jullie bloggers hopelijk ook.

  • Pingback: Who’s boos? « Rik Jellema()