Homme pour homme – Mann ist Mann

Homme pour homme © 2008 Théâtre de la Vie asbl - Sabine RixenVoorbije zaterdag 8 maart woonde ik een voorstelling bij van “Homme pour homme” door het Théâtre de la Vie in Sint-Joost-ten-Node. “Homme pour homme” is een vertaling van “Mann ist Mann”, een blijspel van Bertolt Brecht dat in 1925 voor het eerst werd uitgevoerd.

Ik ben een liefhebber van het theaterwerk van Brecht, maar toch heb ik lang getwijfeld of ik wel naar deze uitvoering zou gaan kijken. Niet omdat ik geen vertrouwen had in de kwaliteit van het stuk zelf, of in de prestaties van het gezelschap van het Théâtre de la Vie. Wel omdat ik niet wist of Brechts stuk in het Frans wel overeind zou blijven. Noem het een vooroordeel, maar u weet wel: traduttore traditore.

De stukken van Brecht worden – althans in onze contreien – tegenwoordig niet zo vaak meer uitgevoerd. Eerder zag ik “Arturo Ui” en “Dreigroschenoper”, allebei in het Duits. Door mijn preoccupatie met taal en omdat ik het Duits redelijk beheers, is elke vertaling voor mij een beetje een beproeving.

Ik had nog nooit een voet in het Théâtre de la Vie gezet, maar dat bleek een aangename verrassing. Ik werd er allervriendelijkst ontvangen door een rondborstige, gelippenstifte dame. De foyer was een eenvoudige, maar knusse Stube, waar behalve het gebruikelijke bier en een glas wijn ook dampende soep en overheerlijke chocoladetaart werd geserveerd. Als ik dat op voorhand had geweten, dan was ik een uurtje eerder naar dit etablissement afgezakt om er gemoedelijk het avondmaal te nemen.

“Mann ist Mann” is niet alleen een van de eerste stukken van Brecht waarin hij gebruik maakt van het zogenaamde vervreemdingseffect om bepaalde gebeurtenissen in de maatschappij als het ware wetenschappelijk te duiden (zijn “epische” theater dat van de toeschouwer een zeker engagement vraagt, in tegenstelling tot het “aristotelische” theater dat alleen maar amusement biedt). Het stuk heeft zelf “de vervreemding” als thema en speelt in het destijds exotische koloniale Indië. “Mann ist Mann” gaat over de kneedbaarheid van het menselijke individu, voorgesteld door de gedaanteverandering van de kruier Galy Gay, “un homme incapable de dire non”, in de collectieve gevechtsmachine Jeraiah Jip.

De betekenis van het hele stuk kan nog het best worden samengevat met een fragment uit de “Zwischenspruch” (“Intermède”) waarin Brecht de weduwe Begbick de volgende woorden in de mond legt:

Herr Bertolt Brecht beweist auch dann / Daß man mit einem Menschen beliebig viel machen kann. / Hier wird heute abend ein Mensch wie ein Auto ummontiert / Ohne daß er irgend etwas dabei verliert. / Dem Mann wird menschlich nähergetreten / Er wird mit Nachdruck, ohne Verdruß gebeten / Sich dem Laufe der Welt schon anzupassen / Und seinen Privatfisch schwimmen zu lassen. […] Man kann, wenn wir nicht über ihn wachen / Ihn uns über Nacht auch zum Schlächter machen.

Monsieur Bertolt Brecht prouve aussi / Qu’on peut faire tout ce qu’on veut d’un homme / Le démonter, le remonter comme une mécanique / Sans qu’il y perde rien, c’est magnifique. / Notre homme est entrepris ce soir avec bonhomie, / D’un ton net mais pas brutal on le prie / De suivre le courant universel / Et d’envoyer baigner son poisson personnel. […] On peut, si nous n’y veillons pas, en faire / Du jour au lendemain, un tortionnaire.

Het is merkwaardig en ontstellend tegelijk hoe Brecht bijna tien jaar voor de opgang van het fascisme en het nazisme zo treffend de mechanismen heeft beschreven die menige brave huisvader en burgermoeder hebben veranderd in gedweeë jaknikkers. Het is de pragmatiek in het lied van de Witwe Leokadja Begbick die dit principe goed weergeeft:

Beharre nicht auf der Welle / Die sich an deinem Fuß bricht, solange er / Im Wasser steht, werden sich / Neue Wellen an ihm brechen.

A quoi bon retenir la vague / Qui viendra mourir à tes pieds / Le sable et l’eau savent déjà que / Mille autres viendront s’y briser.

De theaterzaal was even knus als de foyer, maar dat was allerminst storend, het gaf het geheel iets conviviaals. Al in de eerste seconden na het begin van de voorstelling werd iedere zweem van argwaan weggenomen. De acteurs van het Théâtre de la Vie speelden doorleefd. De oorspronkelijke tekst werd goed gevolgd (ik had op voorhand grote delen van de Duitse versie doorgenomen). De overgangen tussen de verschillende scènes werden aan de hand van geanimeerde projecties op een scherm toegelicht. De regie, de decors en de rekwisieten waren brechtiaans minimalistisch en de toeschouwer kon zich dus ten volle op de tekst en de inhoud concentreren.

Even werd het spannend toen een heer op de achterste rij zijn mond maar niet wilde houden en actrice Laurence Warin (als de flamboyante en sensuele Veuve Léocadia Begbick) uit haar rol viel om hem vermanend de les te spelllen. Die plotse onderbreking was echter zo naturel, dat het wel leek alsof dit alles voor de gelegenheid in scène was gezet (en om eerlijk te zijn sluit ik die mogelijkheid nog steeds niet uit).

De volgende twee uur en twintig minuten (na anderhalf uur is er een pauze van een kwartier) was het genieten van het sprankelende spel van commissionnaire Galy Gay, de soldaten Uria Shelley, Jesse Mahoney, Polly Baker en Jeraiah Jip, de weduwe Begbick en de bonze Wang. En natuurlijk van mevrouw Galy Gay die haar man na de spreekwoordelijke tien minuten weer thuis verwacht.

Wie niet bang is om zich onder te dompelen in een Brecht in de taal van Molière, mag een voorstelling van “Homme pour homme” zeker niet missen. Het stuk in een regie van Claudia Gäbler en Herbert Rolland speelt nog tot 22 maart in het Théâtre de la Vie in Sint-Joost-ten-Node. Mij ziet men daar zeker nog terug.

Share

AboutPatrick

Voorouders in West-Vlaanderen en de Kempen. In 1968 geboren in Wilrijk (Antwerpen). Woont sinds midden 2001 in Brussel en werkt er sinds 2002. Woonde tot eind 2013 in Laken, sindsdien in Sint-Jans-Molenbeek. Vindt Brussel een moeilijk lief, maar houdt toch vooral van de schoonheid, de meertaligheid en de diversiteit van het gewest. Ondersteunt beroepshalve de Nederlandstalige openbare bibliotheken in Brussel.
  • wel wel, patrick, je stukje maakte me nieuwsgierig temeer dat ik vlakbij het theater woon, in dezelfde straat. Ik besloot naar de voorstelling te gaan en ben niet teleurgesteld. Ik trof er een supergezellige plek aan in een voormalige fabriek met een leuke bar en een functioneel theaterzaaltje. Het stuk zelf was een geslaagde evocatie van de brechtiaanse alienatie met personages die hun identiteit verliezen. Misschien net ietsje te lang maar met goede acteerprestaties en een puike mise-en-scene. Ik hou de programmatie van dit theatertje zeker in het oog. Volgende keer probeer ik dat andere theater in sint-joost…het theater le public…