plein

Middernacht. Mijn balkon. Het decor is er altijd. Het schouwtoneel eveneens. Ik houd van de geur van ‘gepoetst café’ die tot bij mij omhoog kringelt: een doorrookte Mr Proper gedrenkt in gerstenat. Ik houd ook van het geluid van de schuurborstel op de stoep, de emmer die wordt leeggegooid op straat. Met het lichtgrauwe zeepsop worden ook de laatste stamgasten buitengeborsteld. Hoog en droog turf ik de passanten die strompelend en mompelend huiswaarts trekken. Eentje tuimelt over het struikgewas waarvan hij de hoogte verkeerd heeft ingeschat. Zijn drinkebroer draait zich om als hij het gestommel hoort en reikt hem de hand. Schouder en schouder zigzaggen ze verder. Aan de andere kant wiegt iemand zachtjes heen en weer terwijl staat te urineren tegen een lantaarnpaal. Drie meisjes zingen een hitje. Een moeder sleept een kleuter voort die al heel lang had moeten slapen.
Telkens als iemand mijn blikveld is uitgewandeld, stapt er aan de ander kant weer een ander personage mijn wereld binnen. Allen in een of ander stadium van de dronkenschap. Een enkeling bloednuchter. Ik drink zelf mijn glas leeg en verlaat de tribune.

Share