Quo vadis, Viage?

Hoe zou het nog zijn met Viage? Onlangs zat ik op de trein met twee gladde, poenerige Nederlanders die naar Brussel gingen om hun geluk te beproeven in het casino. Ze zouden vanavond wel even hun slag slaan, want ze wisten hoe het spelletje ging. Ikzelf heb er na de openingsavond geen voet meer binnengezet. Ik herinner me vooral de Las Vegas-kitch, de tristesse van eenzame, oudere vrouwen gekluisterd aan slotmachines en het personeel dat voor elkaars voeten liep. Al moet ik toegeven: met een cocktail in de hand een latinoconcertje in het casino meepikken, het heeft iets! En niemand minder dan Prince heeft er al twee maal een verrassingsoptreden gegeven. Misschien gaat hij er na zijn Gentse concerten vandaag en morgen weer naartoe?

Joost Vandecasteele liet in Agenda alvast een hilarisch citaat over Viage optekenen:

De Viage is een interessante plaats omdat het een soort Monte Carlo-achtige klasse wil uitstralen, maar op dit moment enkel het gespuis aantrekt. De goktafels zijn overbevolkt, er wordt niet geluisterd naar de croupiers, er is kortom weinig finesse en decorum. En daar houd ik wel van. Er zitten freaks, veel Aziaten en sjofele mannen zoals ik. Tijdens het spelen zijn mijn ogen meer gericht op de andere spelers dan op de tafel zelf.

Zijn er Viage-fans en -haters in de zaal? Faites vos jeux!

Share

AboutTom

Nieuwe Brusselaar met een passie voor taal, cultuur en journalistiek. Geboren in Sint-Niklaas. Studeerde Germaanse talen in Gent en woonde na zijn studie zes jaar in Berlijn. Houdt zich bezig met beleid en communicatie binnen de Vlaamse overheid en is journalist in bijberoep.