De stadskanker genaamd leegstand

Op 21 mei is er in het Ritscafé om 20 u een debat over leegstand in Brussel met staatssecretaris voor Wonen Christos Doulkeridis, Werner Van Mieghem (Brusselse Bond voor het Recht op Wonen), Pierre Blondel (Brussels architect) en Joachim Declerck (Programma-directeur van Architecture Workroom). Olivier Beys geeft de voorzet met een opiniestuk.

Brussel is een stad van paradoxen. Dat maakt haar aantrekkelijk, maar zorgt ook voor kopzorgen waartegen zelfs een dubbele dosis Dafalgan ternauwernood volstaat. Zo is Brussel volgens Eurostat de derde rijkste regio van Europa. Toch leeft ruim een vierde van de Brusselaars onder de armoedegrens. Bijna 400.000 pendelaars uit Vlaanderen of Wallonië werken in Brussel, terwijl ruim 20 procent van de actieve Brusselaars zonder werk zit – het gevolg van onvoldoende aandacht voor onderwijs.

Een minder belichte maar even absurde situatie doet zich voor op gebied van huisvesting. Er staan ongeveer 40.000 gezinnen op een wachtlijst voor een sociale woning. Dat zijn er inmiddels meer dan het totale aantal beschikbare sociale woningen. In 2011 telde de Brusselse Gewestelijke Huisvestingsmaatschappij er 39.306, waarvan 35.817 bewoond. Tegelijkertijd schat men het aantal leegstaande woningen in Brussel op 30.000 of misschien wel meer.

Heel wat jongeren, jonge gezinnen en kwetsbare mensen staan te popelen voor een betaalbare woonst in Brussel, maar worden door de hoge huur- en koopprijzen afgeschrikt of weggeduwd in appartementen nauwelijks die naam waard. Inmiddels zien zij talloze panden verkrotten, terwijl het aanbod aan kantoorgebouwen de markt overspoelt. Bovendien loopt de wachttijd voor een sociale woning op tot ruim 10 jaar, waardoor een grote groep mensen zich zelfs niet meer inschrijft.

Volgens het Gewestelijk Bestemmingsplan van Brussel weten we tot slot dat er tegen 2020 woningen moeten komen voor 180.000 bijkomende inwoners. Het aantal woningen dat er op jaarbasis bijkomt in de stad – momenteel zo’n 4.000 – zal moeten verdubbelen, schreef de krant Le Soir op 6 mei, en tot 70 procent van de Brusselaars zou in aanmerking komen voor een sociale woning. Is dat haalbaar, laat staan houdbaar? Kortom: wij stellen ons niet de vraag of we afstevenen op een wooncrisis, maar veeleer of we er al middenin zitten.

Kantoren vergaren stof

Het is niet bepaald een geheim dat de WTC-torens aan het Noordstation grotendeels leeg staan. De parel aan de noorderkroon is ongetwijfeld het Zenith-gebouw, dat na de oplevering in 2009 zelfs twee jaar in volstrekte leegstand verkeerde. Ook het WTC-I en de Dexiatoren krijgen de kantoorruimte niet aan de straatstenen verkocht. In totaal gaat het om 1 miljoen m², volgens sommigen zelfs 2 miljoen m² alsook de kleine bureaus worden meegeteld. Dat is volgens de Gewestelijke Ontwikkelingsmaatschappij Brussel (Gomb) te wijten aan een structureel overaanbod, al gloort er wel beterschap aan de horizon. De kantoorleegstand daalt immers al enkele jaren, tot 8,3 procent op dit moment. De Gomb waarschuwt wel voor structurele problemen. De helft van de lege kantoren wordt al meer dan drie jaar zonder succes gecommercialiseerd, en in de Europese wijk wacht ruim 12 procent van de kantoorgebouwen op een verse lading Eurocraten. Niemand lijkt in elk geval te weten wat ermee aan te vangen.

De problemen zijn al lang bekend. Het is daarom onbegrijpelijk dat Brussel Stad een jaar geleden nog een positief advies gaf voor de Silver Tower in de Noordwijk. De aannemer zelf liet nota bene weten het project te bevriezen door de welig tierende leegstand in de buurt. Daarmee komt de financiering van het Sint-Lazarusplein in het gedrang en zit het stadsbestuur met de handen in het haar. Inmiddels duurt de verkrotting voort. Het slagveld aan het Zuidstation is een ander treurig schouwspel. Terwijl de wijk al jaren wacht op een duurzame opwaardering, is het enige perspectief de bouw van het blitse Victor-torencomplex . Dat is echter verre toekomstmuziek, en intussen verloedert de Barastraat en omgeving verder.

Oplossingen?

Zoals de Antwerpse stadsbouwmeester Kristiaan Borret terecht opmerkt in De Standaard van 10 mei, liggen de oplossingen voor de woningnood en de ruimtelijke problemen niet noodzakelijk in megaprojecten zoals hoge torenbouw. Herbestemming van bestaande gebouwen is wellicht een duurzamere oplossing die bovendien even goed jobs opleveren. De recente initiatieven van Brussels Staatssecretaris voor wonen Christos Doulkeridis  zijn dan ook een stap in de goede richting. Zo richtte het Gewest recent een gewestelijke leegstandcel op, professionaliseert het de sociale verhuurkantoren, neemt het initiatief om kantoorruimtes om te bouwen, financiert het de renovatie van leegstaande of geïsoleerde woningen, creëert het contracten voor tijdelijke bewoning (de zogenaamde bezetting ‘ter bede’) in afwachting van vergunningen of werken aan het gebouw,…

De uitvoering van deze maatregelen zijn echter nog embryonaal, en het is maar de vraag of dit alles wel zal volstaan. Om de uitdagingen op korte en lange termijn aan te gaan moeten we een consensus vinden over vele vraagstukken. Is een grotere sociale mix wel noodzakelijk? Wat betekent een kwalitatieve woonomgeving voor de verschillende bevolkingsgroepen? Welke actoren moeten we betrekken? Welke instrumenten zijn nodig en wat houdt ons tegen om in te spelen op nieuwe evoluties? Wat is de visie omtrent de relatie met de rand? Hoe houden we wonen in de toekomst betaalbaar? Zijn er institutionele obstakels voor een coherent beleid?

Op dit moment zien wij onvoldoende antwoorden op deze vragen in de politieke arena, en we verbazen ons dat ze niet vaker onderwerp uitmaken van het publiek debat. In het grote Brusseldebat van De Standaard en Le Soir op 6 mei verzandden de kopstukken in een retorisch steekspel, al te vaak gelardeerd met een laagje institutionele beuzelarij. Als jonge Brusselaars willen we een concrete visie op Brussel. Huisvesting en een doordachte stads- en regioplanning zijn daarin onontbeerlijk. We nodigen dan ook iedereen uit om dit debat hoger op de agenda te zetten. Voor ons Brusselaars die hier werken, wonen en studeren is de nood hoger dan ooit.

Op 25 mei om 14 u is er rond hetzelfde thema een betoging op het Rouppeplein. Verschillende Brusselse organisaties vragen dringende actie voor een massale constructie van publieke, en meer bepaald sociale, woningen, en voor een regulatie van de huurprijzen op de privémarkt.

Share