2013: een terugblik (3)

Het is de tijd van de jaaroverzichten. Ook BrusselBlogt kijkt terug op een gevuld jaar met veel bijdragen over uiteenlopende onderwerpen. Een terugblik op 2013 in citaten uit onze artikels. Vandaag het derde en laatste deel.

September

Hopelijk wordt het Muntpunt een succes. En niet enkel een thuis voor Nederlandstalige Brusselaars. Maar een plek waar iedere Brusselaar zich thuis kan voelen. Ongeacht taal of achtergrond. (Muntpunt is niet zomaar een bib)

Het witte laken is geen teken van overgave, maar een actie voor minder auto’s, meer groen en zuivere lucht. De Brusselse actie Witte lakens / Draps Blancs roept politici op om het probleem aan te pakken door bijvoorbeeld doorgaand autoverkeer in Brusselse woonwijken zo veel mogelijk te weren. (Hang het witte laken uit!)

Pop-uprestaurants zijn in. Ze lokken de hippe consumenten, die altijd op zoek zijn naar nieuwigheden, en genereren heel wat media-aandacht. Door hun tijdelijke karakter sluiten ze aan bij de trend van de eventbeleving. Ze zijn vaak exclusief, hetzij door de onverwachte locatie, hetzij door het tot de verbeelding sprekende menu en de medewerking van topkoks. (Pop-uprestaurants in de lift)

Ze zegt dat ik een aardige glimlach en iets kunstigs over mij heb. Ik bedank haar en ben benieuwd naar waarom ze dat laatste zei. “Omdat jij veel absorbeert. Teken of schilder jij misschien?” “Ik schrijf heel graag”. En waarschijnlijk ook iets over deze ontmoeting, over uw glimlach en de gedachte die erachter zat, denk ik, terwijl ik opgewarmd de tram uitstap. (De gedachte die erachter zat)

De buurman glimlacht: “Madame, ge moet gewoon uw ruit laten openstaan, en ook laten zien dat er niks in uwe koffer zit.” Hm, ik fantaseer over stroomschokken en kleefklinken en zet de rest van mijn lange reis in gang. Tot vanavond, liefste Brussel. (Het regent glasscherven in Saint-Josse)

Oktober

Ik bedenk dat er wellicht geen andere plaats is waar je met zo veel andere mensen in contact komt als in de stad, maar waar je ook zo anoniem kan zijn. Mijn verwondering maakt gauw weer plaats voor mijn eigen dagdromen. En ik weet: morgen zal het net zo zijn als vandaag. (Anonieme stad)

Het feit dat het gratis was, was geen detail, en het bekoorde mij grondig. Zonder mijn kritische geest te moeten afscherpen, kon ik voluit gaan proeven van de expertise die recht uit de moeizaam verkregen studies kwam. ‘Informeren, en niet opiniëren’, gingen ze doen, echte kennis verspreiden, in plaats van voer aanleveren voor gemakkelijke forumpraat. (Volksuniversiteit strijkt neer in Molenbeek)

In de stad scheuren we onze kleren aan hekken, aan regels en aan mekaar. In het bos wijken we van paden af, likken we onze scheuren, onze wonden, als een dier en wildstil. (Wildstil)

In de gangen van het metrostation, loopt de wereld naast elkaar. Op de zeldzame vrije vierkante meter perron staan ze broederlijk naast elkaar: de zakenman en de zwerver. Beiden zijn klaar voor een dag werken, geld in het laatje brengen, elk op hun eigen manier. Ze doen hetzelfde, maar zijn zo verschillend. (Contraststof)

27 dichters leveren het bewijs dat Brussel ook op poëtisch vlak blijft bruisen. Een Kwestie van Splinters is een zachte taal- en Brusselminnende dichtbundel vol ontdekkingen, met foto’s van Raf Van Overstraeten uit het dagdagelijkse Brusselse leven. (Dichtbundel: Een Kwestie van Splinters, Vers uit Brussel 2)

Er gaat niets boven een frisse herfstwandeling in het Zoniënwoud, waar je overvallen wordt door de ontelbare schakeringen groen, rood, geel en bruin. Er gaat ook niets boven een koude zonsopgang aan een helderblauwe hemel. (Het kleine geluk)

De Lakensestraat op zich sprak ons ook aan. Wat mystiek, chaos, minder bekend, … soit, een uitdaging. (Hello… James! Een ‘craftsmanship store’ in de Lakensestraat!)

Intussen heeft de gereserveerde man ook zijn draagbare computer weggestopt. Al is het niet om te praten met de gelaarsde man, maar om uit het raam te kijken, weg van zijn overbuur. Hij doet overigens hard zijn best om te doen alsof hij dat uitermate belangrijk vindt, of nodig heeft. (Het kost niet veel)

Onder het Schumanplein zijn door de verbouwingen ondergrondse gangen tussen het metro- en treinstation afgesloten. Dit levert een mooi beeld op: metrotoegangen die nergens naartoe leiden. Het doet aan Harry Potter of Star Trek denken. (Brussel is een surrealistische stad)

Na twee rondes is de tussenbalans: verfrissende, oprechte, soms aandoenlijke tv die jongeren van uiteenlopende origine een stem geeft en die de diversiteit van Brussel mooi weerspiegelt. (Brusselse jongeren naar de top)

November

In het vunzige café in de L. Theodorestraat in Jette staan de tafels kaduk maar overeind. Het volk aan de toog is van Albanese, Griekse, Marokkaanse of Portugese komaf en ik aarzel om te vragen tot welke stam ze zich in de toekomst gaan bekennen. (Schild en Vriend)

Het is zeker zo dat de communicatie rond de verblijfsmogelijkheid niet correct verlopen is, en dat de burgemeester veel te lang zijn kop in het zand heeft gestoken, en er vervolgens op de meest verkeerde manier op heeft gereageerd. Maar dat ze ginder zonder boe of ba zijn buitengeschopt, is niet helemaal correct. De centra waar de ex-bewoners zullen worden opgevangen zijn alvast in betere staat dan deze vuile koude kerk. (GESU SQUAT uitzetting 3/11)

Sinds de herinrichting van het plein, met de gecreëerde open ruimte en de fijne speelse fonteinen, is het goed om te zien dat op de plaats waar mensen terechtkomen als ze de Nieuwstraat, de Kleerkopersstraat of de metro uitwandelen, een plek ontstaat waar je ook gewoon eens kan rondhangen en een verloren kwartiertje waardig kan opvullen. (Mooie Munt)

Waar gaat Nick Trachet in Brussel op schattenjacht? De markt van het slachthuis van Anderlecht en de straten errond hebben een schier onuitputtelijk aanbod, omdat er zo veel culturen vertegenwoordigd zijn, van Afrikanen tot Oost-Europeanen. De Gentsesteenweg grossiert in Pakistaanse supermarkten. Aan Sint-Katelijne vind je Chinese eetwaren. In Evere zijn er sinds kort Indiase winkels voor de talrijke IT-expats. Meestal hoeft hij het niet ver te zoeken en vindt hij zijn gerief in een buurtwinkel in zijn woonplaats Laken. (Wat mensen al niet eten!)

Een uitzinnige menigte veert recht en schreeuwt van verwachting. Met kippenvel op de armen en een gelukzalige blik in de ogen grijpt iedereen naar zijn smartphone of fototoestel op het moment dat de Rode Duivels uit de spelerstunnel tevoorschijn komen. Elf eenvoudige mannen zijn sterren bij hun ploeg en goden in eigen land. (Een duivels warme avond)

Toen David Helbich elf jaar geleden in Brussel aan kwam, ontdekte hij dat we in Brussel een bijzondere manier hebben om problemen op te lossen. Gaten in de voetpaden vullen we op met asfalt, per ongeluk schilderen we twee fietsstroken naast elkaar en onjuiste verkeersborden wijzigen we zelf met een stukje tape, zonder op zoek te hoeven gaan naar het juiste verkeersbord. (Belgische chaos is geen mislukking maar oplossing)

December

Het najaar kent weinig zonnige dagen, maar wanneer de zon verschijnt,  lijkt het wel alsof er een Instagramfilter voor onze ogen wordt geschoven. Het zonlicht dat in de zomermaanden tot in alle hoekjes doordringt, doet nu door zijn lagere invalshoek dienst als een spot, die slechts dat deel van Brussel benadrukt dat gezien hoort te worden. De gouden koepel van het Justitiepaleis schittert zoals hij dat alleen in deze periode doet. (Winterzon)

Een tweetalig briefje was het, maar zoals wel vaker het geval is in Brussel, gaat het Nederlands compleet de mist in. Refaire en référer zijn door elkaar gehaald, zodat ‘Référez-vous à la photo’ vertaald is als ‘U heft de foto’s opnieuw zal maken’. Waarvan akte. (Aandacht aan de bedriegers!)

Ik kan niet anders dan Brussel zien als een stad die erg gewond is door de vaak gedachteloze aanpassingen of interventies van de laatste eeuwen. En het gaat verder: de verschrikkelijke UP-site toren bijvoorbeeld, de geplande afbraak van een geliefde publieke plek zoals Parking 58, het absoluut ongeïnspireerde ontwerp voor de nieuwe Europese wijk, de enorme traagheid van veel gemeenten om auto’s definitief uit het stadscentrum te krijgen. Maar uiteindelijk blijf ik optimistisch: er zijn nog zo veel mogelijkheden en bestaande positieve aspecten die deel kunnen maken van een uitdagende en toekomstgerichte stad. (Fotograaf in beeld: Andri Haflidason)

Bij de Calzedonia kreeg ik onder mijn voeten omdat ik niet wilde ingaan op hun aanbod om ’4 paar panty’s, 5de gratis’ te kopen. “Maar waarom niet?! Offreert u dit jaar geen cadeaus mevrouw?” Ik heb dat ene perfecte paar bij wijze van statement dan ook maar achtergelaten. (Stressed, depressed but well dressed?)

Ik ben mooi voor maar zes euro. En jullie zijn ook mooi, dwaalsterren. Laat niemand jullie ooit het tegendeel beweren. Shine bright like a diamond. (Ik was Rihanna bij de kapper)

Ik legde mijn voeten op het tafeltje in het midden van een vierzits en ik besloot kerstdag te eindigen met Bob Dylan, die mij er altijd weer aan herinnert dat ik niet mag vergeten onder de sterrenhemel te dansen – ‘with one hand waving free’. En dat als je goed luistert, de antwoorden op je vragen in het waaien van de wind oplaaien. Hij geeft me altijd moed en het gevoel dat ik op mijn eentje de wereld kan doorstaan. (Baby let me follow you down)

Share

AboutTom

Nieuwe Brusselaar met een passie voor taal, cultuur en journalistiek. Geboren in Sint-Niklaas. Studeerde Germaanse talen in Gent en woonde na zijn studie zes jaar in Berlijn. Houdt zich bezig met beleid en communicatie binnen de Vlaamse overheid en is journalist in bijberoep.