Iedereen Duivel

Na elke teleurstelling volgt een moeilijke periode van aanvaarding. Kleine momenten en rituelen helpen je met het verwerken. In het geval van collectieve ontgoocheling kan je rekenen op de steun van je vrienden, familie of buren. Tot het moment waarop je opnieuw kan inhaken in het ordinaire ritme van de wereld.

Zo is het ook de voorbije maand gegaan. Niemand die nog praat over die zonnige zaterdag begin juli, niemand die er nog aan denkt. De emoties waren hevig, maar zijn opnieuw onder controle. Alle attributen en accessoires zijn opgeborgen. Slechts zelden zie je nog een vlag aan een balkon wapperen. Toeters en bellen, in de kleuren zwart, geel en rood, verdwenen in een donkere doos op zolder. Maar laat mij de wonde nog één keer blootleggen en terugkijken op dat vermaledijde wereldkampioenschap voetbal.Niet omdat ik mij ergerde aan het spel waarmee Argentinië zich wist te plaatsen voor de finale. Niet omdat ik stiekem erg jaloers was op mijn Nederlandse huisgenoot, omdat zijn land het wél tot in de halve finale schopte. Ook niet omdat ik betwijfelde dat spelers in om het even welke andere sport zo vaak wegkomen met hallucinante overtredingen.

Wel omdat ik in die ene maand over de wijk waarin ik woon zoveel meer geleerd heb dan in de jaren daarvoor. In de aanloop naar 12 juni verschenen om de haverklap Belgische en veel buitenlandse vlaggen in het straatbeeld. Die diversiteit verbaasde mij niet, want die bemerk je ook in de winkel en op de tram, in onze inkomhal en in de snack. Nieuw was voor mij dat deze achtergrond plots een kleur en een naam kreeg.

De vlaggenzee, België en Algerije bijvoorbeeld broederlijk naast elkaar, was overweldigend. De identiteitsbeleving mooi om te zien, zelfs als je land niet eens deelnam. Verbroederend leefde iedereen mee. De hoge verwachtingen (en de sterke prestatie) van ons team zat daar ongetwijfeld voor iets tussen, maar dat maakte de verbondenheid niet minder groot. De wereld verenigd in één stad. Mijn schmink heeft vele wangen, jong en oud, gekleurd. Op dat vlak is voetbal misschien toch in staat iets te bereiken waar weinig anderen in slagen.

Meer dan één keer is mijn avond aan de Beurs geëindigd. Er is immers maar één plaats in Brussel waar je na een voetbalwedstrijd naartoe gaat. Dat was meestal omdat onze Rode Duivels deden wat we van hen verwachtten. De spanning was soms verdomd hard om te dragen, de ontlading daarom des te groter. Toch stond ik er ook enkele keren te vieren met Colombianen of Fransen. Minder omvangrijk, maar evenveel blijdschap. De verliezer stond op een hoekje te kijken, of kwam gewoon meedoen.

Want ook dat maakt deel uit van een superdiverse stad. Elke wedstrijd brengt vreugde, elke wedstrijd brengt verdriet.

Deze bijdrage verscheen eerder op BXLen.

Share