2014 in vogelvlucht (3)

Het is de tijd van de jaaroverzichten. Ook BrusselBlogt kijkt terug op een gevuld jaar met veel bijdragen over uiteenlopende onderwerpen. Een terugblik op 2014 in citaten uit onze artikels. Vandaag het derde deel.

Juli

Het moet iets met mijn oerinstinct te maken hebben: ik pluk graag fruit. Vroeger deed ik niets liever dan rode bessen plukken in de tuin en helpen bij de bereiding van confituur. Liever dát dan studeren voor mijn examens. Het is uiteindelijk wel goed gekomen met die examens; met mijn fruitpluk-hobby helaas iets minder. Na twee jaar investeren in fruitstruikjes op mijn balkon, blijft het succes bescheiden. (Frambozen plukken in Anderlecht).

De Rode Duivels vlogen eruit tegen Argentinië en de Mannschaft pakte haar vierde wereldtitel, maar de Belgische vlaggen zijn in Brussel blijven hangen. Ons land telde deze zomer weer mee als een van de acht beste voetbalnaties ter wereld. Voetbal verbond de stad. Jong en oud, arm en rijk, blank en gekleurd, man en vrouw, iedereen leefde mee. (In de ban van de bal)

Overal in Brussel liggen schatten voor het rapen. Ook in de stations. Hoe weerzien en afscheid er kunnen uitzien. Hoe de zucht van de laatste trein naar huis klinkt of die van de trein naar de zonde. Te midden van het niemandsland en de duizenden schimmen van andere levens, ligt voor iemand een zekerheid, een eigen plek op een vaste route naar huis. (Driekwart saucisse)

De chocoladecake met goed verstopte meelwormen (een plakje voor een euro) vond ik best lekker. Is Brussel klaar voor insecten? (Mmmm insecten)

De makkelijkste zijn de vroeg twintigers, eerstejaars univ, mam glundert. De portemonnee gaat gezwind open, credit card blijft gewoon losjes in de hand. Spanningen worden vlotjes uitgegomd tijdens de koopjes. Momentopname, ze weten het allebei – maar vandaag is het feest. Mam komt wel terug, later met de vriendinnen of de zussen. Kijkt ondertussen al wat rond, hangt hier en daar al iets opzij tussen verkeerde rekken, heel gewiekst. En, iets gevonden? vraagt hij als ze thuiskomen. Mmm, zuchten ze allebei, het beste was er al uit. (Moeders en dochters)

Op maandag opende het imposante Justitiepaleis zijn deuren. Dat gebeurt één keer per jaar. Iemand die een probleem heeft met de Belgische overheid voelt hier extra erg dat hij of zij iets mispeuterd heeft omdat het gebouw je als mens nietig laat voelen. (Belgisch feestweekend is gezellig en groots)

Augustus

What the hell is er aan de hand met de wereld? Niks, of toch niks nieuws.  Jammer genoeg is oorlog en verderf van alle tijden, enkel hebben we er nu een duidelijker zicht op, en worden we – willens nillens – met onze nieuwsgierige neuzen in de onwelriekende waarheid geduwd. Maar toch, meer ontwikkeling zou in principe meer menslievendheid met zich mee moeten brengen, een open geest, een ruime blik, verdraagzaamheid, begrip voor de andere. Waarom is iedereen de laatste tijd dan zo druk bezig met elkander de duvel aan te doen? (De kracht van een simpele bonjour)

Zwarte armoede in Vlaanderen, zwarte mijnen in Wallonië en de Belle Epoque in Brussel. Wat mij het meest frappeert aan het boek is de grootse waardigheid waarmee Fonteyn deze thema’s behandelt. Hij is duidelijk zelf aangegrepen door onze verstrengelde geschiedenis, die Vlaanderen allang gewist heeft en Wallonië maar niet volledig gewist krijgt. En deze beroering brengt hij op een voortreffelijke manier over op de lezer. (Ménage à trois)

Na drie maanden oorlog werd het voedseltekort in Brussel nijpend. Burgemeester Adolphe Max liet tarwe en aardappelen opkopen en deed een beroep op de liefdadigheid van bemiddelde bewoners. Het voedseltekort had drie belangrijke oorzaken: de Engelsen blokkeerden de Noordzeehavens, waardoor de onontbeerlijke overzeese voedselimport stilviel, grote boeren hamsterden hun voorraden en vroegen er woekerprijzen voor en de Duitse bezetter eiste rantsoen op voor het leger en de burgerbevolking. (Voedsel in tijden van oorlog)

Voor wie of wat moeten we ons eigenlijk beschermen tijdens deze groepswandeling met vele tientallen tassendragers? De dakloze? Het anderskleurige kind op een speelterrein, rijk aan cultuurdiversiteit? De asielzoeker, ontheemd van zijn thuisland? Je moet maar uit de Gazastrook komen. Ocharme, die mensen daar. We zullen nog een centje storten als middenklasseburger aan een vredesorganisatie om het geweten te sussen. (Een vuist voor Brussel)

Dat The Sequence nu moet verdwijnen, is een spijtige zaak. Blijkbaar staat in het contract van het bouwwerk dat het na vijf jaar wordt afgebroken. Anderzijds is dit ook de manier waarop hedendaagse kunst in de openbare ruimte moet worden gebruikt, lijkt me. Want die openbare ruimte is altijd onderhevig aan verandering, is elke dag weer anders. (Quinze verlaat Brussel)

Villo! weet aan de hand van gebruikersgegevens welke stations het meest worden gebruikt en welke het volst zitten. En toch, station Kunst-Wet is elke dag leeg vanaf 16 u. Ook de stations rond de Zuidmarkt zitten overvol op zondag, om maar twee voorbeelden te noemen. (Waarom Villo! stagneert)

Heel opmerkelijk tot dusver is het effect van deze ingreep op onze buurt. Al tijdens het planten stonden verschillende mensen, van diverse afkomst, leeftijd en geslacht, geboeid te kijken naar onze activiteiten. Soms personen van wie ik het helemaal niet zou verwachten. En ook nu nog gaat er geen dag voorbij zonder dat we, tijdens het water geven, aan de praat geraken met passanten, zowel bekenden als onbekenden. (De geboorte van een pocketpark)

© Geert Vancauwenbergs

September

Meer en meer worden ongebruikte percelen ingepalmd door wereldverbeterende buurtbewoners die er ook wel uit eigenbelang beslag op leggen. Het zomers terras voor een café laat men dan links liggen om zich te vermeien in het heerlijke stukje stadsnatuur. Op miniatuurschaal teelt men er groenten en met recyclagemateriaal wordt er tuinmeubilair geplaatst. Het lijken wel overjaarse provo’s die na het kraken van huizen hun oog hebben laten vallen op onbebouwde terreinen. Op vrolijk anarchistische wijze bezet men de terreinen en begint een procedureslag om een nieuwe invulling af te dwingen: de zaak De Moedige Stedeling tegen de oh zo Boze Overheid, zeg maar. (Terrain vague)

De Brusselse selectie bestaat uit objecten (en de bijhorende verhalen over vervlogen liefdes) uit de vaste collectie, aangevuld met voorwerpen uit ons land. Wij Belgen hebben de oproep om te schenken naar verluidt gretig beantwoord. Daardoor krijg je een leuke mix van objecten van over nagenoeg de hele wereld. Met opvallend veel overblijfselen uit langeafstandsrelaties. En waar kan een expositie die wemelt van grensoverschrijdende liefde beter plaatsvinden dan in het hartje van de Europese wijk? (I feel so good)

Voor de autoloze Brusselaars is het enkel wachten op de creatieve ondernemer die een velowash opent. (Wat als?)

Ook al moeten we strijden tegen die contrasten die in werkelijkheid ongelijkheden zijn, mijn Brussel is er niet een die zijn verschillen verdoezelt achter weelderige façades, maar een van een rijkdom die zich voedt aan de verschillen van alle Brusselaars, of het nu gaat om Parijse immigranten, ontheemde daklozen, Vlaamse ambtenaren, zinnekes uit de Maghreb, deftige antiekhandelaars of studenten uit de provincie. (Stad van contrasten)

Daar waar de grote lanen de ordentelijke dichtheid eenvoudig doorbreken, zorgt het kanaal voor een nieuwe dimensie. Het geeft je het gevoel dat er ruimte gecreëerd wordt, dat de stad groter is geworden zonder een steen te verleggen; dat is wat ik denk als ik na uren van zachte deining terug op linkeroever sta. Euforie genoeg om echt iedereen het water op te jagen. (Feesten voor het kanaal)

Share

AboutTom

Nieuwe Brusselaar met een passie voor taal, cultuur en journalistiek. Geboren in Sint-Niklaas. Studeerde Germaanse talen in Gent en woonde na zijn studie zes jaar in Berlijn. Houdt zich beroepsmatig bezig met beleid en communicatie binnen de Vlaamse overheid.