Lichtmis in de Lakensestraat

Er is geen vrouwke zo arm of ze maakt op Lichtmis haar panneke warm. In de Lakensestraat sloegen de zelfstandigen gisteren de handen in elkaar om een waar pannenkoekenfestijn te organiseren. Zoet en hartig, trendy en volks, belgo-belge en multicultureel, het kon allemaal. De straat als microkosmos van de wereldstad.

Spontaan associeer je de Lakensestraat wellicht met de KVS, de Flamingo en straatprostitutie. Maar deze straat in hartje Brussel is bovenal een staaltje van diversiteit. Traditionele winkels liggen er naast gloednieuwe zaken, pitabars en nachtwinkels naast mode- en designwinkels. Je hebt er een Ethiopisch en een Indisch restaurant, maar evengoed een frietkot, zowel ouderwetse volkscafés als een gevestigde dans- en concertzaal en een hippe tapasbar. Op straat zie je zwerfafval en te druk autoverkeer, maar ook hoogstaande creativiteit en een internationale sfeer. De Lakensestraat is Brussel in een notendop, ergens tussen bloei en verval, maar altijd in beweging.

De plaatselijke winkeliers werken samen om een nieuwe dynamiek te geven aan de straat, die niet de allure heeft van de Dansaertstraat en de bekendheid van de Nieuwstraat. En dus organiseerden ze op Lichtmis een degustatieronde, voor de buurtbewoners en voor alle andere geïnteresseerden. Voor een luttele vijf euro kon je terecht op zeven adressen om een pannenkoek te proeven. Je reporter offerde zich ‘s middags en ‘s avonds op voor een culinaire zevenkamp.

Overal kreeg ik een hartelijke ontvangst en ik was onder de indruk van de diversiteit van het aanbod. De lunchzaak Cookim serveerde twee verse wraps met Philadelphia en zalm en met Boursin en kip. Even verder dook ik de pitabar in voor een dürüm met gepeperd rundvlees, frietjes,  sla en looksaus. Ongezonde fast food, maar correct klaargemaakt. De obligate tv aan het plafond stond afgestemd op een Franse nieuwszender. Voor onderweg haalde ik bij de bakker een helaas te harde, met abrikozenconfituur gevulde Marokkaanse pannenkoek.

‘s Avond stak ik van wal in Café de l’Industrie, een onopvallend eetcafé op het Zaterdagplein. Voor de cocktails was het happy hour aan de gang. Door een misverstand kreeg ik een Wiskey Sour voor mijn neus, waar ik prompt aan nipte. Ik zou het zelf niet kiezen, maar het vormde een prima combinatie met het flensje met caramelsaus. Als intermezzo volgde een smakelijk spinazieflapje van Toukoul. En het ging alleen maar bergop.

Tapas Soif is een ongepolijste, maar sfeervolle tapasbar, die uit Namen komt overgewaaid. De bierkaart bevat excellent gerstenat van kleinere Waalse brouwerijen (ooit al gehoord van La Corne du Bois des Pendus?) en op de kaart staan kaaskroketten met Chimay en uien of met Orval en spekjes. Ik genoot van de hartige pannenkoek met kaas, hesp en zachtgekookt ei. De laatste etappe was Haekem, Japans voor ‘ik zie’. Officieel is de bar nog niet open, maar in de toekomst wil het artistieke uitbaterspaar geregeld concerten en performances organiseren. De prachtig gerenoveerde en mooi gemeubileerde ruimte was vroeger een kapsalon. De wenteltrap in het midden leidt naar de beneden- en bovenverdieping. De klassieke pannenkoek met bruine suiker was een mooi orgelpunt van een verrassende ontdekkingstocht.

Wie de Lakensestraat beter wil keren kennen, houdt het best de website en de Facebook-pagina van de Rue de Laeken in het oog. Het volgende event op Vastenavond (17 februari) zal carnavaleske vormen aannemen.

Share

AboutTom

Nieuwe Brusselaar met een passie voor taal, cultuur en journalistiek. Geboren in Sint-Niklaas. Studeerde Germaanse talen in Gent en woonde na zijn studie zes jaar in Berlijn. Houdt zich beroepsmatig bezig met beleid en communicatie binnen de Vlaamse overheid.