Rijkdom veroorzaakt honger

Honger heeft veel oorzaken, maar gebrek aan voedsel is er geen van. Dat schrijft de Argentijnse onderzoeksjournalist Martín Caparrós in zijn monumentale boek Honger. Op uitnodiging van MO* stelde hij zijn werk deze week voor bij deBuren. “Ik heb geen kant-en-klare oplossingen, maar ben optimistisch voor de lange termijn.”

Volgens de FAO lijdt een op de negen mensen in de wereld honger. Nochtans produceren we sinds een viertal decennia genoeg voedsel om de wereldbevolking te voeden. Toegegeven, voor de meesten van ons is het een ver-van-mijn-bedshow. Net daarom fascineerde het thema Caparrós al langer en wijdde hij er vijf jaar van research aan. Zijn reizen naar India, Bangladesh, Zuid-Soedan, Niger, Kameroen, Burkina Faso en Madagaskar leerden hem dat honger geen abstract gegeven is. Het is een door mensen gecreëerd probleem dat elke dag slachtoffers maakt. De Argentijn wilde het menselijk verhaal erachter vertellen. Bovendien ontdekte hij dat er verschillende mechanismen ten gronde liggen aan het fenomeen.

Kapitalisme en religie

De voornaamste reden van honger is volgens Caparrós niet armoede, maar rijkdom, die in het globale kapitalisme geconcentreerd is bij een beperkte happy few. Uit een recent rapport van Crédit Suisse blijkt dat 1% van de wereldbevolking de helft van de rijkdom bezit. Een straatarm land als Niger is een van de grootste producenten van uranium, maar Chinese en Franse bedrijven gaan met de winst lopen. Save the Children zet de verwende voetbalmiljonair Christiano Ronaldo in als boegbeeld van de strijd tegen honger. “Hoe kunnen we dat normaal vinden?”, vroeg Caparrós zich hardop af.

Maar niet alleen scheefgegroeide economische verhoudingen veroorzaken honger. “Ik heb nog nooit een atheïst ontmoet die honger lijdt”, meesmuilde de auteur. De grote wereldgodsdiensten legitimeren de verschillen tussen arm en rijk en doen mensen met honger hun miserabele situatie in dit aardse tranendal aanvaarden. Ook aloude patriarchale patronen zijn fataal. Vrouwen lijden vaker honger dan mannen omdat hun leven in veel samenlevingen minder waard is dan dat van mannen.

Warm noch koud

In zijn lezing bleef Caparrós vaag over mogelijke oplossingen van het probleem. Hij beperkte zich tot enkele elementen: de utopische idee van een morele economie die zorgt dat er genoeg is voor iedereen, minder voedselverspilling, een lagere vleesconsumptie – een heuse opoffering voor hem als Argentijn. Als journalist wil hij vooral vragen stellen. “Enkel wie iets wil verkopen of uit is op een stem, komt met kant-en-klare oplossingen.” Hij reageerde gepikeerd op een vraag van een journalist die zei dat hij op zijn honger bleef zitten en hem zelfs cynisme aanwreef.

Volgens critici hebben ngo’s er alle belang bij om het hongerprobleem in stand te houden – ze zouden anders hun bestaansreden verliezen – , maar daarover blies Caparrós warm noch koud. Hij loofde het concept van lokale graanbanken om schommelingen in de oogst op te vangen. De FAO verweet hij daarentegen een monopolie te hebben op statistieken over honger. De organisatie zou het cijfer voor de situatie in 1990 naar boven bijgesteld hebben om meer vooruitgang in 2015 te kunnen rapporteren. Evenmin maakte hij een duidelijke keuze over de landbouw van de toekomst: kleinschalige landbouw mag dan minder impact hebben op de planeet, maar de industriële landbouw is er wel in geslaagd de voedselproductie op te drijven naar ongekende hoogten.

Caparrós eindigde op een positieve noot. Hij beklemtoonde dat we beter leven dan 500 of 1.000 jaar geleden en dat de maatschappij grondig veranderd is. De geschiedenis leert hem dat niets bij het oude blijft, wat hem optimistisch stemt voor de lange termijn.

Honger, uit het Spaans vertaald door Marjan Meijer, Hendrik Hutter en Corrie Rasink, is verschenen bij de Wereldbibliotheek.

Share

AboutTom

Nieuwe Brusselaar met een passie voor taal, cultuur en journalistiek. Geboren in Sint-Niklaas. Studeerde Germaanse talen in Gent en woonde na zijn studie zes jaar in Berlijn. Houdt zich bezig met beleid en communicatie binnen de Vlaamse overheid en is journalist in bijberoep.