Ine Van Wymersch, het gezicht van het Brussels parket

Ine Van Wymersch is de laatste tijd niet van het scherm weg te branden. Of het nu gaat om een familiedrama in Schaarbeek, perslekken in het dossier rond de radicaliserende broers Abdeslam of een proefproject met opsporingsaffiches voor vermiste volwassenen, de woordvoerster van het Brusselse parket geeft tekst en uitleg. Nochtans is het woordvoerderschap maar een bijjob van de gepassioneerde magistrate. “Je moet een beetje zot zijn om het te doen.”

© VRT

Donderdagmiddag vindt in het parket, schuin tegenover het Justitiepaleis, de wekelijkse persbriefing plaats. Gerechtsjournalisten van omroepen en kranten uit het hele land krijgen een actuele stand van zaken van lopende dossiers. Een afscheidnemende collega van het tweetalige perswoordvoerdersteam, dat binnenkort uitgebreid wordt tot vijf man, wordt in de bloemetjes gezet. Blij verrast geeft ze een kus aan alle gulle schenkers. Tussen de drukke werkzaamheden door is er zelfs tijd voor een glas bubbels.

Interview in de tuin

Ine Van Wymersch is in enkele jaren tijd uitgegroeid tot het gezicht van het Brusselse parket. De interesse voor justitie kreeg ze met de paplepel mee. Haar vader is korpschef van de politiezone Brussel Hoofdstad-Elsene. Tijdens haar studie rechten kreeg ze de kans om een week mee te lopen met het parket. “Hier wil ik terechtkomen”, dacht ze. Toen er examens voor het Openbaar Ministerie werden uitgeschreven, waagde ze haar kans. Ze bijt zich nu vast in het onderzoek naar zedenfeiten, jeugdcriminaliteit en onrustwekkende verdwijningen. De leidende en coördinerende rol die ze als openbaar aanklager heeft, ligt haar.

De taak van woordvoerster neemt ze er met plezier bij. Ze beschouwt het als vrijwilligerswerk, waarvoor ze 24 uur per dag bereikbaar moet zijn als ze permanentie heeft. “Het gebeurt dat journalisten me opbellen als ik in de Colruyt aan het winkelen ben. Of ik regel een interview bij me thuis in de tuin. Je moet een beetje zot zijn om mijn job te doen.” Ze beseft dat communicatie niet de hoogste prioriteit is van het parket. “Er is geen geld voor een voltijdse woordvoerder. We zijn nu al onderbemand.” Een attractieve en dynamische website blijft dus een verre droom. De rubriek ‘over ons’ is momenteel ‘in opbouw’. Om te communiceren via de sociale media doet ze een beroep op het Twitter-account van de lokale politie.

 

Taxiverkrachters en btw-carrousels

Haar werk is een permanente evenwichtsoefening. Ze vindt het enerzijds haar plicht om het publiek en dus ook de pers correcte informatie te verstrekken. Anderzijds mag ze het geheim van het onderzoek niet schenden en is ze met handen en voeten gebonden aan procedures. Als er voor een misdrijf een onderzoeksrechter is aangesteld, mag ze niet meer praten met de pers zonder zijn toestemming. De wet verbiedt haar zelfs uitdrukkelijk om te communiceren over zedenfeiten en zaken met minderjarigen. Toen er enkele jaren geleden valse taxichauffeurs meisjes verkrachtten, mocht ze het niet over de grond van de zaak hebben, maar ze lichtte het fenomeen wel toe zodat mogelijke slachtoffers hun voorzorgen konden nemen. Aan haar communicatiejob gaan vaak onderhandelingen vooraf met politie en onderzoeksrechter of slachtoffers. Over haar eigen zaken bewaart ze in het openbaar het stilzwijgen.

Binnen de magistratuur stelt ze vast dat de stap naar de burger gezet is. Het standaardantwoord luidt niet langer ‘geen commentaar’. Het helpt dat de huidige procureur des Konings Jean-Marc Meilleur zelf woordvoerder is geweest. Ze vraagt haar collega-magistraten steeds om een woordje uitleg, zodat ze de zaak in de vingers heeft en er helder over kan communiceren. “Als ik van een journalist van De Tijd vragen krijg over ingewikkelde btw-carrousels, kan ik maar beter goed voorbereid zijn.”

De keien van de gerechtsjournalistiek

In haar contacten met de pers is het vaak dansen op een slap koord. Na de algemene briefing organiseert ze individuele consultaties. Journalisten beschikken over bronnen waaruit ze kunnen putten: politiemensen, advocaten, slachtofferorganisaties, burgers, sociale media. Ze willen ook graag uitpakken met primeurs, waarvoor ze bevestiging van het parket willen hebben. Soms weet Van Wymersch nog nergens van, want de politie belt het parket maar een uur of twee uur na de vaststelling van de feiten. Andere keren kan ze enkel off the record een bericht bevestigen. Vertrouwen is voor haar essentieel. Ze noteert wat er gezegd is en verwacht dat ze correct geciteerd wordt. De parketwoordvoerders delen de informatie die ze aan de pers gegeven hebben.

Een overstap naar de journalistiek ziet ze niet zitten. “Ik zou het nooit willen doen. Je moet overal navraag doen en bent afhankelijk van anderen om je job te doen. Ik ben liever in charge.” Haar respect voor de stiel is wel gegroeid. “Er zijn echte keien in het vak. Hoe weten ze het, vraag ik me geregeld af.” Ze ziet de druk op de journalisten almaar toenemen. Hun stukken moeten steeds sneller de deur uit met het risico dat er fouten insluipen. Want de digitale nieuwsstroom stopt nooit en de concurrentie ligt op de loer.

Moeder van vier

Van Wymersch combineert als dertiger haar veeleisende baan met een al even gevuld gezinsleven. Ze is moeder van vier kinderen. “Ik kan rekenen op mijn partner en op familie en vrienden om die dagelijkse puzzel te leggen. En ik bewaak op het werk mijn grenzen, zodat ik er ook nog ben voor mijn naaste omgeving. Na de aanslag in het Joods museum ben ik zondag tussen alle hectische telefoons door naar de dansvoorstelling van mijn dochter geweest. Mijn gezin houdt me met mijn twee voeten op de grond.”

Dit artikel verscheen eerder als gastbijdrage op Apache.be.

Share

AboutTom

Nieuwe Brusselaar met een passie voor taal, cultuur en journalistiek. Geboren in Sint-Niklaas. Studeerde Germaanse talen in Gent en woonde na zijn studie zes jaar in Berlijn. Houdt zich bezig met beleid en communicatie binnen de Vlaamse overheid en is journalist in bijberoep.