In de klas na 22 maart

Ik geef lessen Nederlands aan anderstalige volwassenen in Brussel. Maar vandaag was geen gewone woensdag na onze vrije lesdag gisteren. Gisteren, 22 maart, stond onze wereld als Brusselaars even stil. En vandaag moeten we door. Gisteren kon ik alleen het nieuws op tv volgen, verslagen en verdoofd kon ik nergens anders aan denken. Van lesvoorbereiding was dan ook niet veel sprake.

Hoe moest ik dit nu aanpakken? Overal zag ik tips over hoe je over terrorisme praat met kinderen, maar nergens met volwassenen, in een interculturele groep dan nog. Bij de collega’s waren de meningen verdeeld. Sommigen wilden er niet te veel aandacht aan besteden, bang voor te hevige reacties. Ik was ook bang.

 

 

 

 

 

De helft van de studenten is toch komen opdagen. In mijn klas zijn dat voornamelijk mensen van Marokkaanse origine en moslims. Het ‘gewoon doen’ gaat me niet goed af. “Goedemorgen, hoe gaat het?” Zelfs de standaard ‘goed’ komt er niet uit. Bij niemand. Nee, het gaat niet goed. We zitten er allemaal verslagen bij. Zuchten, begrijpend knikken, een paar tranen. En dan komen de reacties. Verdriet, angst, kwaadheid, ongeloof,… ook vooral de frustratie dat zij als moslim nu nog meer geviseerd worden. Maar dit is HUN islam niet, zij zijn net zo verslagen als alle anderen. Het besef dat dit in zoveel landen dagelijkse kost is en dat ook wij niet gespaard blijven en ermee moeten leren omgaan, hakt erin.

Ik stel voor om een slinger te maken met steunbetuigingen op. Iedereen gaat meteen akkoord. Boodschappen als “Ik ben Brussel” verschijnen al snel op de gekleurde papiertjes, de Belgische vlag die huilt, “Bruxelles je t’aime”, “samen sterk”, “liefde, vrede, solidariteit, vrijheid, kracht boven haat”, “ik ben moslim maar geen terrorist” en ook veel respect en medeleven voor de slachtoffers, van Brussel maar ook van alle andere landen waar dit gebeurt.

Tekentalent komt boven en de studenten schrijven, vertalen en tekenen erop los. We vragen de studenten van de andere klassen ook om mee te doen en zo krijgen we een mooie slinger met hoopgevende boodschappen die we aan de ingang van het centrum ophangen.

“Dat lucht toch een beetje op”, zegt een studente op het einde toen ik hen bedankte om mee te doen.  Inderdaad, dat lucht op en geeft toch weer een sprankeltje hoop.

(En voor de inspectie: woordenschat als ‘solidariteit, vrede, liefde, samen sterk’ is gekend, basiscompetentie ‘de cursist kan zeggen en vragen wat hij denkt, voelt, wil’ en attitudes als troost, medeleven, samenhorigheid, solidariteit zijn uitgebreid aan bod gekomen.)

 

 

Share
  • Loek van Damme

    Geweldig!
    Héél goed!
    Zowel de aanpak als de beschrijving!

  • Bertha Claes

    Goed gedaan Katrien. Ik ben fier op je dat je het durfde aanpakken in de les. Samenspraak leidt tot begrip en inzicht. Gewoon voortdoen ! Ooit wordt het beter.

  • Pieter

    Op zich goed initiatief, al zie ik echt niet in hoe of waar ‘moslims’ geviseerd zouden worden (buiten uitzonderlijk door een of andere halve gare). Ach, dat gristelijke schuldgevoel toch.