Angèle en Atome zoeken de balans tussen show en kunde

Herleeft de Franstalige muziek of spitsen onze oren zich simpelweg steeds meer zuidwaarts? Hoe dan ook, er gebeuren interessante dingen in de zuidelijke helft van ons land. En dan hebben we het niet alleen over hiphop (Damso, Roméo Elvis, Le 77, Hamza – om er maar enkele te noemen). Ook de Franstalige pop staat in bloei. Uit de Brusselse scene viste Les Nuits Botanique gisteren Atome en Angèle. Ze werden voorafgegaan door ietwat vreemde eend in de bijt Beatsforbeaches.

(c) Charlotte Bidée

Alsof het nog deel was van de soundcheck, nam Baptist van Beatsforbeaches plaats voor het mengpaneel. Volledig willekeurig en zonder enig voorwoord ging zijn set van start. Het tweede nummer maakte de verwarring die het openingslied zaaide echter goed met p(l)akkende baslijnen en elektronica.

De nummers – al is set een toepasselijkere term – stonden op zich wel recht, huppelend tussen herhaling en onvoorspelbaarheid, dans en bezwering. Het geheel bood echter te weinig performance om effectief te beklijven en was daarom moeilijk om dertig minuten lang te boeien. Dat lag uiteraard ook aan het type muziek zelf: als producer en dj had Beatsforbeaches geenliveband voorhanden en de vlot in elkaar vloeiende set bood weinig ruimte voor bindpraatjes.

Groot was het contrast toen Atome met donkere riffen en percussie de pophelft van de avond inzette. Snel werd het zonniger met ‘Voie lactée’ – en die bleef het hele optreden schijnen. De foute 80s synths, de Franse nonchalance van de frontman en de soms dramatische gitaren bereikten dat benevelende effect van te lang in de zon te zitten. Voeg daar roze belichting, nummers over “les oiseaux” en de theatrale wijze waarop Remy Lebbos zijn gitaar bespeelde aan toe en het geheel dreigde net iets te hoog te zweven om geloofwaardig te blijven. Je kan je ook verbranden aan de zon.

Dankbaar waren we dan ook voor de intermezzo’s waarin de gitaar en drums dankzij hun prominente positie aan dramatiek wonnen. Dankzij die eigenzinnige rockriffs – met excentrieke toonladders om toch niet helemaal serieus te worden – vermeed Atome Icarus-scenario’s. Er werden geen vleugels verbrand en de band bleef vliegen – al werd het soms heel warm.

Als je meende dat Atomes podiumnonchalance onze benen al los genoeg maakte, deed Angèle je daar anders over denken. De tweede muzikale telg uit familie Van Laeken verkocht met nog maar twee officieel gereleasete nummers al een reeks concerten uit. Dat doen niet veel muzikanten haar na. Waar dat echter wel gebeurt – Shht komt op als eerste voorbeeld – is dat grotendeels te danken aan de livereputatie. Dat was nu niet anders.

Theatraal huppelde Angèle het podium rond, haar schouders schokkend op de beats. Tijdens uitgelaten hoogtepunt ‘Je veux tes yeux’ vroeg ze iedereen om op de knieën te gaan zitten. Geen originele truc om achteraf het publiek te laten losbarsten, wel een efficiënte. Wanneer de artieste even uit de spotlight week om haar muzikanten voor te stellen, kregen die ook allemaal een speelse duw.

Maar wat als ze dan eens stil zou staan? Zo een performance doet twijfelen of het al dan niet de aandacht afleidt van de muziek zelf. De eerste rustige nummers waren inderdaad niet bijzonder sterk. Wanneer Angèle echter na een springerige opwarming achter de toetsen ging zitten voor een fragiel akoestisch intermezzo, kon het contrast niet groter zijn met de gekte van daarnet. Ze duwde dan wel iedereen op de knieën, ook knikkende ledematen kreeg ze voor elkaar met een prachtige cover van Dick Annegarns ‘Bruxelles’ uit 1974. Die heartbreak bereikte ongeziene hoogten wanneer broer Roméo Elvis het podium betrad voor ‘J’ai vu’. Om jullie te veel superlatieven en uitroeptekens te besparen, houden we de analyse van wat die duo-uitvoering met de traankanalen deed kort. “Après tous ces emotions”, kantelde Angèle opnieuw de sfeer door ons ervan te verzekeren dat er “aucune histoire d’inceste bizarre” aan de gang is.

Niet alleen de bindtekstjes waren ludiek, ook de nummers waren tekstueel gevat. ‘Big shit’ haalde uit naar de donkere kant van sociale netwerken, waar de zangeres paradoxaal genoeg als Instagramkoningin ook mee te kampen heeft: “I wish I’d be like you, you wish you’d be like me”, “makes me feel like a big shit”, “Insta n’est pas la vraie vie”. Na een krachtig ‘La loi de Murphy’ als bis en een afsluitend liedje over hoe Brussel Parijs overtreft, bedankte Angèle uitgebreid het publiek en haar familie (“ils ont pleuré”). Angèles spontaneïteit uitte zich misschien nog het meest in het uitgebreid gebabbel op het podium.

Grote dromen (met een suggestief “Il y a un AB”), sterke nummers en een groteske podiumpresence die spontaan en oprecht genoeg lijkt om niet als public pleasing te worden afgeschreven: Angèle kan het ver schoppen. Gisteren balanceerde ze gracieus tussen show en kunde, hopelijk behoudt ze in de toekomst ook dat evenwicht.

Milena Maenhaut schreef deze recensie voor de muzieksite Indiestyle.

Share