Will Tura zingt en spreekt

Een geïllustreerde spreekbeurt. De anonieme Bruzz-recensent slaat de spijker op de kop met de beschrijving van ‘Hoop doet leven’, de documentaire over het leven van Will Tura. Met alle respect voor de keizer van het Vlaamse lied: de film is boeiend en zelfs pakkend, maar ook een artistieke miskleun waarmee Dominique Deruddere (Crazy Love, Wait Until Spring, Bandini, Iedereen Beroemd!) geen prijzen zal winnen.

Waar knelt het schoentje? De film vertrekt niet van beelden, maar van een vooraf uitgeschreven autobiografische ik-tekst, die niet zonder pathos wordt voorgelezen door Jan Decleir. Er zijn geen nieuwe beelden geschoten. De makers hebben enkel geput uit archiefmateriaal en dat wordt in chronologische volgorde getoond, met ertussen fragmenten uit het concert ‘Tura in Symphonie’. Als er geen foto’s of filmpjes voorhanden zijn, zoals over zijn kinderjaren, krijgen we lukraak van You Tube geplukte beelden te zien die het Vlaanderen van weleer moeten oproepen. Boeiende getuigenissen of terugblikken van familie, vrienden, collega’s en tijdgenoten, een vast element van de succesreeks Belpop, zitten er niet in. Het ontbreekt aan lef en visie om een indringend portret te maken van een artiest die de Vlaamse muziekscene zes decennia lang gekleurd heeft. Het blijft braaf en voorspelbaar. Zat respect voor het onderwerp in de weg of het door producent Jean Kluger opgelegde keurslijf?

Laten we wel wezen: de documentaire blijft ondanks zijn manifeste tekortkomingen een aardig kijkstuk dat bij momenten ontroert omdat je de zanger-componist-muzikant geleidelijk aan beter leert kennen. Arthur – Tuur – Blanckaert (1940) ontdekte als kind de entertainer in zichzelf toen hij opgenomen werd in het ziekenhuis nadat hij bijna verdronken was. Zijn vader wilde dat hij filmacteur werd, maar hij ontdekte de muziek en begon te jodelen en accordeon te spelen. Later leerde hij ook gitaar en piano. Op zijn twaalfde stond hij al op het podium met een orkest. In 1957 werd hij ontdekt door muziekuitgever Jacques Kluger. Zijn succes als solozanger liet echter op zich wachten. Hij bracht meer dan twintig singles uit – de eerste was een cover van ‘Bye bye love’ van The Everly Brothers – voordat hij in 1962 eindelijk een nummer één-hit scoorde met ‘Eenzaam zonder jou’. Jacques Kluger kon er niet lang van genieten, want hij stierf in hetzelfde jaar. De Blanckaerts waren toen al lang verhuisd van Veurne naar de Brusselse rand om de carrière van de zoon alle kansen te geven. Tura woont nog altijd in Brussel en gaat graag joggen in het Zoniënwoud.

Onder de hoede van zoon Jean Kluger timmerde Tura verder aan de weg. Hij werkte hard onder het motto ‘doe wel en zie niet om’. Zijn leven stond in het teken van optreden en muziek opnemen. Het familiehuis – eerst bij zijn moeder, daarna bij zijn vrouw Jenny – fungeerde als rustpunt. Zijn broer Staf was zijn vaste geluidstechnicus. Excessen van seks en drugs waren aan de ideale schoonzoon niet besteed. Voor het buitenland had hij geen tijd, zegt hij laconiek. Een nummer als ‘Draai dan 797204’ deed het nochtans niet slecht in Nederland en Gilbert Bécaud geloofde in hem. Het respect van de rockwereld krijgt hij pas veel later met de twee Turalura-cd’s (1990 en 2010), waaraan onder meer Noordkaap, Triggerfinger en Daan meewerken. Hij verloor in tussentijd ook al heel wat medestrijders, zoals zijn broer Staf, waarvoor hij in 1998 ‘Alleen gaan’ schreef. In oktober 2018 gaat 40-45 in première, de musical waarvoor Will Tura en zijn trouwe arrangeur Steve Willaert de muziek componeerden.

De documentaire eindigt met beelden van muzikanten met wie Tura al lang samenwerkt. De zanger is immers een groep die live het best tot zijn recht komt. Te hopen dat de gepassioneerde crooner-muzikant nog vaker de AB mag inpakken, zoals hij in september 2017 deed. Hij hoeft niet meer elk weekend als een arme Joe te racen van parochiezaal naar feesttent, maar verdient het om elk jaar in de beste omstandigheden op te treden als grand old man van het muzikale flandrienisme. Het concert is beter dan de film.

‘Hoop doet leven’ is in Brussel te zien in Kinepolis en Palace.

Share

AboutTom

Nieuwe Brusselaar met een passie voor taal, cultuur en journalistiek. Geboren in Sint-Niklaas. Studeerde Germaanse talen in Gent en woonde na zijn studie zes jaar in Berlijn. Houdt zich bezig met beleid en communicatie binnen de Vlaamse overheid en is journalist in bijberoep.