Fotograaf in beeld: Gaetan Carlier

Gaetan Carlier (42) komt oorspronkelijk uit Willebroek, maar woont al twintig jaar in Brussel. Hij is getrouwd met een Brusselse en ze hebben twee kinderen. Het gezin woont in Vorst. Hij geeft les aan de Sint-Jorisbasisschool in de Marollen, waarover hij getuigde in een filmpje van Equal Brussels. Hij houdt van lezen, reizen, gezelschapsspelen en fotograferen. Zijn foto’s toont hij op Flickr en Instagram en ze halen geregeld ook de selectie van onze rubriek Brussel in Beeld. Brussel is volgens hem “de perfecte melange”.

Hoe is je liefde voor de fotografie ontstaan?

Al van toen ik kind was, wilde ik alles zien. Tijdens lange verplaatsingen in de auto keek ik altijd door het raam. Ik verveelde me daarbij geen seconde: een vogel die opsteeg, een blitse wagen die voorbijreed, een hoeve in het veld, verschillende soorten bebouwing. Ik heb dat nog altijd. Zolang ik leef, wil ik kijken. Zo sta ik ook graag in het leven: observerend en vanop een afstand.

De interesse in fotografie is pas later gekomen. Eigenlijk pas sinds enkele jaren. Mijn vrouw is zeer veel bezig met meditatie en mindfullness. Niet meteen iets voor mij, maar de idee om bewust te kijken en dus te genieten van de kleine dingen, spreekt me wel aan. Bewust kijken naar je omgeving, met een camera in je hand lukt dat heel goed.

Hoe zou je je eigen foto’s omschrijven qua thematiek, stijl, toon…?

Vaak kies ik voor zwart-wit. Zwart-witfoto’s stralen een zekere melancholie uit. Iets ongrijpbaars en ook tijdloos. Ook geeft zwart-wit je de vrijheid om het plaatje in te kleuren met de kleuren die je zelf kiest. In onze fantasie zijn de kleuren vaak mooier dan in het echte leven.

Ik vind het boeiend om dagdagelijkse straatscènes te fotograferen: aan bushaltes, toeristische centra, de winkelstraten, het verkeer. Ook reflecties in het water en in vensters vind ik plezant. De mengvormen zijn soms heel mooi. Veel heeft natuurlijk te maken met toeval.

Wat bevalt je aan Brussel? En wat niet?

Brussel is zoals een serie die nooit stopt, maar dan beter. Zoals ‘Thuis’ of ‘Familie’, of ‘Neighbours’, maar dan beter dus. Elke keer als je door de straten wandelt, valt er wel iets te beleven. Het decor is hetzelfde, maar de interacties tussen de mensen zijn anders. Je hebt telkens een andere setting in hetzelfde decor. Die verscheidenheid aan mensen en situaties, dat zie je alleen in een stad zoals Brussel.

Vaak zit ik op de metro of tram. Ik vind het boeiend dat je gedurende een lange tram- of metrorit het hele spectrum aan economische, culturele en sociale diversiteit aan je voorbij ziet gaan. Anderzijds vind ik die sociaaleconomische diversiteit niet OK. Ik vind het niet kunnen dat je aan de ene kant villawijken hebt, zoals de Prins Van Oranjewijk in Ukkel, maar aan de andere kant krottenwijken in de industriezone van Anderlecht. Ook de situatie aan het Kanaal, de arme Halve Maan, staat op ontploffen. Rijk en arm, op nog geen vijf straatlengtes van elkaar. Dat is niet gezond.

Verder vind ik het spijtig dat ons stadscentrum enorm aan het verdisneyen is: muzikanten, attracties, festivals, originele winkels, Brusselse specialiteiten, alles ten dienste van de toerist. Onlangs zat ik met vrienden in een toeristencafé in het Beenhouwerstraatje en hoorde een gids tegen een hele hoop toeristen zeggen: “this is the place where the Belgians get drunk”. Om maar te zeggen, er worden illusies verkocht. En eigenlijk is het allemaal niet zo origineel. In Krakau, Parijs, Amsterdam of Berlijn heb je net dezelfde muzikanten, net dezelfde festivals en net dezelfde winkels die net dezelfde producten verkopen. Eigenlijk zien we een homogene vermarkting van onze Europese steden. Die evolutie is weliswaar enorm boeiend om op de gevoelige plaat vast te leggen, maar de echte ziel van onze stad vind je in de buitenwijken.

Wat zijn je favoriete Brusselse foto’s? 

(c) Gaetan Carlier

Frituur Maison Antoine op het Jourdanplein in Etterbeek. Het spel van kleuren en schaduwen. Ook het feit dat alles zo mooi symmetrisch is. Het verhaal in de foto.

(c) Gaetan Carlier

Het gemeentehuis van Ukkel. Een toevallig smartphoneshot. Doet denken aan een schilderij van Magritte, L’empire des lumières.

(c) Gaetan Carlier

Centrum Brussel: voetstap. De weerspiegeling in de plas water is goed gelukt. De voetstap is niet zo maar een voet. Geen toeristenvoet. Het is raden wie er op dat moment passeerde. Ik weet het zelf niet.

De drie foto’s heb ik achteraf ook niet bewerkt. Lucky shots eigenlijk.

Wat is volgens jou de meest fotogenieke plaats van Brussel?

De plekken waar veel mensen zijn, die het ook niet erg vinden om op de foto te staan: de Koninginnengalerij, de Grote Markt, het Muntplein. Ook de Zuidfoor is wel fijn. Met al die lichtjes en zo. Daar kun je lekker spelen met de sluitertijd.  

Op welke onbereikbare plek in Brussel zou je graag foto’s willen nemen?

Geen flauw idee. Ik heb daar nog nooit over nagedacht. De foto’s komen vanzelf. Ik ga ergens naartoe en neem foto’s van de mensen of van situaties. Foto’s genomen vanop de Kunstberg zijn zeer mooi. Maar dat is nu niet bepaald een onbereikbare plaats.

Heb je nog een droom of ambitie als fotograaf?

Volgend jaar neem ik de Trans-Siberische spoorlijn naar Peking. Tijdens die reis wil ik schrijven en fotograferen. Dat werk zou ik graag willen tentoonstellen voor publiek.

Brussel is een goudmijn voor gepassioneerde fotografen. Onze vaste rubriek Brussel in Beeld bewijst dat elke week, maar ook op andere sites en op Instagram en Facebook vallen er mooie Brusselse foto’s te bewonderen. Hoog tijd om de mens achter de lens in beeld te brengen. Deze bijdrage past in de reeks Fotograaf in Beeld.

Share

AboutTom

Nieuwe Brusselaar met een passie voor taal, cultuur en journalistiek. Geboren in Sint-Niklaas. Studeerde Germaanse talen in Gent en woonde na zijn studie zes jaar in Berlijn. Houdt zich bezig met beleid en communicatie binnen de Vlaamse overheid en is journalist in bijberoep.