Open moet de oproep zijn

Sinds 1999 heeft Vlaanderen een bouwmeester. Het pronkstuk van twee decennia kwaliteitsvolle architectuur en stedenbouw in publieke opdracht is de open oproep. Een tentoonstelling in het atelier van de Vlaamse bouwmeester in de Ravensteingalerij blikt terug op twintig jaar open oproep.

Lintbebouwing, eindeloze verkavelingen. Vlaanderen is berucht om zijn ruimtelijke wanorde. Vriendjespolitiek en een ons-kent-onsmentaliteit bepaalden in het verleden vaak wie een groot project mocht bouwen. Overheidsgebouwen konden in de regel op weinig enthousiasme rekenen bij architectuurcritici en het grote publiek.

De open oproep wilde daar schoon schip mee maken. Een transparante publieke aanbesteding staat open voor binnen- en buitenlandse ontwerpers en stelt kwaliteit voorop. De procedure gaat van start met het opstellen van een heldere en gedragen projectdefinitie. De bouwmeester maakt vervolgens op basis van portfolio’s en motivatieteksten een preselectie van een tiental ontwerpteams, zowel gevestigde waarden als jonge bureaus. De opdrachtgever kiest er gemiddeld vijf uit, die vergoed worden om een schetsontwerp in te dienen. De jury, bestaande uit vertegenwoordigers van de opdrachtgever, externe deskundigen en de bouwmeester, duidt ten slotte een winnaar aan.

In twintig jaar tijd zijn er bijna zevenhonderd projecten in het kader van de open oproep in Vlaanderen en Brussel opgestart. In bijna de helft van de gevallen is de lokale overheid de opdrachtgever. Een kwart van de gevallen kwam er in opdracht van de Vlaamse overheid. Enkele tot de verbeelding sprekende realisaties, zijn Kazerne Dossin in Mechelen, het Theaterplein en het Provinciehuis in Antwerpen, De Krook in Gent en het In Flanders Fields Museum in Ieper. Maar evengoed ging het om voetgangersbruggen, scholen, ziekenhuizen, crematoria, dorpskernvernieuwing of een langetermijnvisie voor een jeugdverblijfdomein.

(c) Paul Hermans via Wikipedia

De tentoonstelling diept niet alleen interessant archiefmateriaal over de verschillende projecten op, maar pakt ook uit met twee knappe architectuurinstallaties Voor een gordijnkaart, die de verstedelijking van onze regio indringend laat zien, staan zeven imaginaire landschapstaferelen. Ze zijn een montage van uitgevoerde of geplande publieke gebouwen en voorzieningen. De Wunderkammer is dan weer een draaiende installatie die in maquettes ingaat op verschillende aspecten van de verschijningsvorm van een gebouw, zoals de façade, het materialenpalet en het interieur.

© G2 Architectural Graphics for TBM Robbrecht en Daem – Dierendonckblancke – VK – Arup

De Brusselse editie van deze reizende tentoonstelling documenteert de open oproep rond het nieuwe VRT-gebouw, dat met zijn architectuur een publiek gezicht moest geven aan een hedendaagse nationale omroep. De opdracht ging naar de Gentse bureaus Robbrecht en Daem en Dierendonckblanche. In november liet de VRT-directie echter weten dat het geselecteerde ontwerp niet wordt gerealiseerd, omdat dit niet mogelijk zou zijn binnen het geplande budget. Open oproep of niet, de bouwheer blijft het laatste woord hebben over de uitvoering van het project.

De tentoonstelling is enkel nog in Brussel te zien op woensdag 18 december, donderdag 19 december en vrijdag 20 december, telkens van 10 tot 18 uur. Adres: Atelier Bouwmeester, Ravensteingalerij 54-59, 1000 Brussel. De toegang is gratis. De expo reist in 2020 en 2021 door naar Leuven, Hasselt, Kortrijk en Antwerpen.

Share

AboutTom

Nieuwe Brusselaar met een passie voor taal, cultuur en journalistiek. Geboren in Sint-Niklaas. Studeerde Germaanse talen in Gent en woonde na zijn studie zes jaar in Berlijn. Houdt zich bezig met beleid en communicatie binnen de Vlaamse overheid en is journalist in bijberoep.