Alles is verlaten in het station van Groenendaal

Het station van Groenendaal werd in 1894 ingehuldigd als halte op de lijn Brussel-Namen. Het was een klein, luxueus afgewerkt stationnetje, midden in het Zoniënwoud. Leopold II zou er zijn hand in hebben gehad.

(c) Gaetan Carlier

Er werd voornamelijk ijzer en steenkool vervoerd. Dat was nodig voor de bouw en het onderhoud van de nabij gelegen hippodroom. Enkele jaren later kreeg het station trouwens een extra aftakking naar die renbaan. Vanuit Groenendaal vertrokken vooral wijndruiven naar het mondaine 19de-eeuwse Brussel.

(c) Gaetan Carlier

In 1992 werd het stationnetje vernield door een brand. De herstellingswerken sleepten aan. Vandaag is het nog altijd een bouwval. Er zijn opnieuw werken, maar niet aan het gebouw. In het kader van het GEN-netwerk wordt er een spoor bijgelegd en werd het schuilhuisje verplaatst.

(c) Gaetan Carlier

Vlakbij het station vertrekken er enkele wandelingen tot diep in het Zoniënwoud. Aan de andere kant komt men aan een van de drukste punten van de Brusselse Ring.

(c) Gaetan Carlier

In de reeks Verborgen sporen langs de Brusselse Ring gaat fotograaf Gaetan Carlier op zoek naar bijzondere plekken langs de belangrijkste verkeersader van en naar de hoofdstad. Meer info over het station van Groenendael vind je op de websites van de gemeente Hoeilaart en het Agentschap Onroerend Erfgoed. De Belgische zanger André Bialek schreef met Groenendael een chanson over de onmogelijke terugkeer naar de eerste liefde: ‘Tout est désert, tout est normal ce soir en gare de Groenendael.’

Share