Brussels by valavond

Bij valavond en laag wolkendek lijkt Brussel wel een vredig tijdloos bergdorp. Gezien vanop het Koningsplein ligt het dorp liefelijk omgeven door blauwgrijze bergketens, je kan niet wachten tot je beneden bent aangezogen door de fonkelende lichtjes die uitnodigend knipogen. Via brede majestueuze trappen daal je af naar dit vreedzaam oord.

Nog diezelfde avond word ik beroofd van mijn portefeuille. Arm, maar een illusie rijker : overal schuilt het kwaad. Zelfs in onvermoede onschuldige dorpjes huist de duivel.

hetrijkderzinnekes.blogspot.com

Share

Onteerd, 9 juli 1912

uit ‘De Duivelshoek’ – Kroniek van een verdwenen volksbuurt (186O-196O) – W. Deraedt – 4o kortverhalen & geschiedenis & kaart impasses. Te verkrijgen via zinnekesrijkst@hotmail.com

..Brussel, Negen juli 1912.

..Hij was amper veertien toen hij zijn kabaske oppakte en fier als een gieter, maar toch met een eit in zijn gat vertrok. Gasten van veertien jaar gingen in de Duivelshoek niet naar l’Ecole Secondaire, maar gingen op stiel, als leerjongen bij een schrijnwerker of slager, of naar ‘t fabriek. Hij mocht beginnen in de Brasserie Cornet de Poste in de Fabrieksstraat. In het begin was dat het vuile werk, het schrobben van de tonnen, de flessen spoelen, stillekesaan het onderhoud om dan na een tijd volle brouwersgast te worden.

Veel ervaring met het vrouwvolk had hij niet, jongens speelden niet met meiskes, toch niet op die leeftijd. In de Brasserie werkten ook jonge vrouwen, zestien, zeventien jaar – die kuisten in de brouwerij en soigneerden het gerief en het huis van de patron. Ze waren nog jong maar in ‘t fabriek zijt ge rap ontgroend. Omdat ze met vier waren en hij nogal klein van stuk en vooral heel naïef was wist hij eerst niet wat hem overkwam. Hij dacht dat het een onnozel spelleke was en omdat hij nieuw was dierf hij niet te rouspéteren. Hij lachte eerst nog mee toen ze aan zijn lijf trokken en giechelden, maar toen ze zijn broek aftrokken werd hij opeens weer een hele kleine jongen. Daar stond hij in zijn blote flikker terwijl de meisjes hem bespotten met zijn piemeltje.

Poeterneusterdroeger! Comptoirpisser!  riepen ze. Twee meisjes hielden zijn armen tegen en hij dierf amper tegensputteren toen de twee anderen zijn edele delen instreken met stroop en confituur. ‘s Avonds kwam hij thuis, beschaamd en onteerd. Zijn moeder kon één en ander loswrikken, over dat soort zaken werd niet veel gepraat in het kotier, maar moeders zien rap in de ogen van hun opgroeiende koters dat er iets scheef zit. De vader die zijn soep at zei niet veel, alleen, een wijf zonder slagen is gelijk soep zonder zout. De moeder schudde haar hoofd en lei haar hand op de schouder van de kleine ..daar zijt ge nu vanaf,” zei ze alleen maar.

Alleen op zijn strozak liet hij zijn tranen de vrije loop. Buiten vloekte een man, een verdwaalde kater jankte.

Duivelshoek, 9 juli 1912.

hetrijkderzinnekes.blogspot.com

Share

Writer in the snow

Er zijn momenten waarop men gelukkig is in Brussel te wonen. En er zijn momenten waarop men heel gelukkig is in Brussel te wonen. Zoals deze zondagochtend aan de bijna bevroren vijvers van het Flagey. Op de tweede verdieping van de pakketboot valt sneeuw geruisloos terwijl ik tegen de grote ramen leun. Mensen naderen schoorvoetend voor een ontmoeting met Amos Oz, zijn woorden galmen in de magische studio Vier, zacht als mos maar de scherpe r van Hebreeuws.

Het gaat over ‘sharing loneliness’, over ‘curiosity’, over hoe hij als kind droomde ooit een boek te worden.In het cafetaria de klarinet van Benny Goodman.

Beneden spelen duiven met de vlokken.

Ik wou dat ik een vers was.

http://hetrijkderzinnekes.blogspot.be/

Share

Zomaar een zondag in de Galeries

De geur van cacao, Dior, het weke leder van Delvaux. Vlijmscherpe prijzen bij Tilquin. Ganterie Italienne slijt al une paire aan 98 euro, kan ik un seul voor de helft van de prijs ? De zorgvuldige pralines van Corné Port Royal als parels in hun schrijn, aanraken gelijk aan kunstroof. De bubbels van de Champagnothèque, kristallen wolkjes van Saint-Lambert. Truffels Collection Neuhaus, alleen maar om gekoeld eeuwenlang te conserveren, voor het nageslacht.

Hoor het ruisen van de rokken, het bouquet van L’Oréal Paris, de beroering van de Polo Poudré. Het zachte gemurmel alsof men fluistert in een kathedraal… “Oh regarde Rosanne, les Bordeaux, elles sont déjà à cent quatre-vingts..”. Een oude kleinzoon wandelt traag, arm in arm, met zijn jonge grootmoeder. Een alleenstaande papa met zijn enig zoontje, proper gekamd, broek in de plooi. Een hond en zijn geparfumeerd baasje.

Dit is het uur van het Flaneren, enkel maar Grandeur, Klasse, Respect, Stijl. Zelfs een windje is welriekend in de gewijde Galeries op deze zondag in het prille voorjaar. Ook de avond aarzelt.

Share

Het Verlossende Licht

Wellicht is de tijd nu al rijp om net vóór de aanvang van de Zalige Kermis in één ruk al wat nuttige tips te lanceren voor het Feest van 2013. Na de strubbelingen van de afgelopen weken kan men er nooit te vroeg aan beginnen, kunnen we er tenminste wat langer over breien. Daarom, let wel : geheel vrijblijvend, maar desondanks indien bruikbaar graag een patent, een aantal kristalheldere voorstellen om de Grote Markt wat meer in de kijker te plaatsen. Het hoeven niet altijd donkergroene dennenbomen te zijn die het plein ontsieren.

  • Waarom niet de stadhuistoren afbreken en een paarse wereldbol installeren met witte fonkelende sterretjes aan het firmament;
  • Een reuze suikerwafel in de vorm van een kerstboom met verlichte slagroomtoetjes;
  • Een ketting van blauwrode TL-lampen tussen de Hertogen van Brabant en de Coninck van Spanje in de vorm van een kruis, die aan- en uitfloepen als men in de handen klapt; Lees volledige tekst
Share

Vijfhoek draait vierkant

Heeft u er ook reikhalzend naar uitgekeken ? De nieuwe, al vóór het verschijnen de hemel ingeprezen, serie over Brussel op één. De vorige, Jes (of was het No ?), is gelukkig op tijd afgevoerd. Deze beloofde beterschap : driewerf helaas. Zelden zo’n reeks gezien die bol staat van clichés.  Alwéér een betonboer die een kaalslag pleegt en het obligate bewonerscomité. Alwéér de ongeschoolde jonge Marokkaan die een beter leven zoekt alwéér in het boksmilieu met alwéér een oude knorrige coach die zich ontfermt en hem tracht weg te houden van ‘slechte vrienden’. De jonge Brusselaar van Noordafrikaanse origine als eeuwige underdog en de lieve blanke die hem omarmt. Het rijkeluiszoontje met de glimmende wagen, de alleenstaande moeder met het spijbelende zoontje die wordt geholpen (godbetert!) door de bankier om de hoek (waar woont dit soort bankiers ?), die bovendien nog het voortouw neemt in het verzet tegen de afbraak. De oude Marokkaanse winkelier die na al die jaren terug wil naar het land van oorsprong omdat hij niet wordt gerespecteerd (!). Wie verzint dit soort karikaturen ? Hoe durft met dit nog voor te stellen als een beeld van het Brussel van vandaag, laat staan van gisteren ?

Lees volledige tekst

Share

Boterhammen in het Park

“Allé, ik wil geen kwaad spreken van da meiske, zhad een kind vóórda ze getrouwd was, drie keer getrouwd alstublieft, vier kinderen van allemaal andere mannen en nu weer alleen. ….Allé, niet da’k wil kwaad spreken van da meiske, alleman heeft z’n karakter hé..”.

Twee oma’s houden hun roddelkwartiertje op de groene banken van de Warande. Volop zomer aan de Kiosk.  Alleen maar vrolijke gezichten.

Mama, hesp en sla en ne cola hé..”. Het dikke meisje heeft zich genesteld op de hoek van een bank. Moeder en dochter lachen naar mekaar, zij het de dochter iets hartelijker. Ze is verliefd op mama, haar enige grote vriendin bij wie ze alles kwijt kan, en dat is veel. Het is goed schuilen onder de zware vleugels van de moeder. Die kan haar meisje wel hebben als vriendin maar ze hoopt, zij het heimelijk, dat ze eindelijk eens groot wordt. Naast haar zitten oma’s met kleinkinderen, veel jonger dan de zwaarlijvige dochter. De oma’s wiegen op de tonen van Soetkin Collier, knieën hoog en laag, de kinderen lachen, de oudjes klappen. De twee roddeltantes blijven kletsen, er is wel muziek op de achtergrond, maar ach, het stoort niet. Een vijftiger passeert in een verkeerde bermuda met foute kousen.

Lees volledige tekst

Share

Zomer in Brussel

“Oh kijk va, dat is een keicoole handtas..” – de dochter wijst naar een glanzende sacoche in de luxueuze vitrine van Delvaux in de Sint-Hubertusgalerijen. Het is het soort prijskaartje waarbij zelfs Paris Hilton even zou weifelen.

“Vake kom, g’hebt het beloofd” – het meisje trekt hem vooruit. Aan de andere hand houdt hij een jongetje van hooguit zes. Voor hem loopt een mokkende puber van zestien, het meisje dat hem vooruit trekt zit tussen de twee. Getrokken en geduwd en onderwijl bemiddelen.

Hij heeft de Foor al afgestruind, dat kost een fortuin met drie koters. De oudste vond dat keivervelend. De anderen schreeuwden moord en brand omdat het zo snel voorbij was. Hij had een ijsje beloofd aan zijn zoontje maar dat vindt zijn oudste dochter dan weer hoogst kinderachtig. Stel je voor, met je vader op een vol terrasje in de binnenstad aan een cornet likken terwijl de stad volloopt met verblindende spetters. Kan het zo mogelijk nog vernederender ? Dan wordt het dansen op een slappe koord : samen naar de film, daar snapt de kleinste niks van. De solden voor de middelste, dat was allang afgesproken, dat zint de jongste dan weer niet : oersaai, oeverloos gezeur, het bleiten nabij. De oudste is hij allang kwijt in de rekken, die komt later aangerend met heelder blitse jurken en riskante topjes. Discussie, sorteren, alles op de grond, dan maar niks. Hij maakt zich nooit dik, alleen zijn gelaat verraadt ingehouden spanning.

Hij heeft de kinderen de godganse maand juli. Heeft ongetwijfeld een volle maand nodig om te recupereren maar hij moet per 1 augustus al meteen aan de slag. De ex heeft alle buitenhuisactiviteiten, leuke workshops en vakantiekampen keurig gepland in de maand augustus.

Vanavond héél laat zakt hij uitgeput onderuit in de lage sofa. Slapen lukt niet, de oudste zit bereluid te zappen. Ze kunnen het allemaal schudden. Straks heeft hij heel even tijd met zichzelf.

meeroverbrussel : hetrijkderzinnekes.blogspot.com

Share

De Grote Encyclopedie van de Kleine Hardloper X

Brusselse loopstijlen

De Plakbroek, een vrouw die haar legging een maatje te klein kocht: te vroeg gejuicht. Te pas en te onpas moet ze vertragen om de broek los te trekken, die als een hardnekkige colle-tout aan haar dikke billen plakt. Het breekt hopeloos haar ritme en oogt heel vervelend, ongetwijfeld nog het meest voor haarzelf. Maar ze geeft niet op, nog een paar weken en het plakken is er van af. Hoop doet leven.

De Patattenzak, een fragiel meisje maar ze loopt in de broek van haar dikke papa. Ofwel wil pap nog niet investeren in een nieuwe tenue, ofwel is de familie krenterig of gewoon arm. Het is onduidelijk of ze gebukt gaat onder de broek of ze de broek gebruikt om haar gebrekkig loopvermogen te maskeren. Compleet tegengesteld aan de plakbroek, als ze verstandig zijn, wisselen ze gewoon van pantalon.

De Snelheidsduivel. Een lopend gevaar op de weg. Raast over het middenpad in de Warande aan een weerzinwekkende snelheid. Is te vergelijken met de wielertoeristen op de jagerspaden van Dender of Schelde. Berg je kinderen en huisdieren, ze worden ter plaatse vertrappeld.

Lees volledige tekst

Share

De Grote Encyclopedie van de Kleine Hardloper IX

Ondanks het barre weder laat de Brusselse hardloper zich niet onbetuigd. Opgetekend dit voorjaar  in de Brusselse parken en bossen. We zitten ondertussen al aan 72 types van joggers (zie voorgaande bijdragen). En we blijven verder speuren: hop met de beentjes !

De Blonde Stoot, oogverblindende blondine. Moet op kantoor ongetwijfeld  geen pen verleggen, alleen tegenwoordig zijn, zondermeer. Ze loopt heel alleen, weinig op aan te merken, behalve dat ze niet echt tempo haalt. Te veel mannen lopen in haar zog, terwijl ze veel sneller zouden kunnen, eerder vroeg dan laat struikelt de één of andere over een uitgelopen boomwortel of loopt zich gewoon te pletter op een boom aan de kant van de weg. Ze wéét het goed genoeg want er hangt een Mona Lisachtige glimlach over haar lippen. Type dat altijd tweedracht zaait op kantoor ook al richt ze zelf geen bliksem uit. Het soort kortgerokte meisjes op het trottoir, die een kettingbotsing veroorzaken maar er helemaal mee wegkomen.

Het Jeukende Kruis. Krabt de controversiële Sloveense filosoof Zizek voortdurend aan zijn T-shirt, deze kan dan weer niet van zijn kruis blijven. Beetje obsceen, iedere vier of vijf meter zit hij met zijn rechterhand tussen zijn benen. Iets jeukt daar, onduidelijk of het altijd gebeurt (al vermoed ik bij het dwangmatig karakter ervan, van wel) of te wijten is aan een stijve onderbroek of te spannende broek. Zou ook kunnen dat hij nieuw vestimentair gerief heeft en dit hem danig stoort. Het zou verstandiger zijn dit eerst uit te proberen in het plaatselijke bos bij valavond, men kweekt snel een bijnaam. Noot: loopt in de buurt van de Blonde Stoot.

De beschaamde - meisje in zwarte legging, idem dito short, loopt met te veel schroom. Oei, oei, ik stoor toch niet..   Ah sorry, pardon.. – blijft ver uit de buurt van de voetganger, kijkt af en toe op om toch maar niet op te dérangeren. Helemààl in het zwart, als ze maar niet opvalt tussen Vismarkt en IJzerplein.

Lees volledige tekst

Share