Ik woon in de Warmoesstraat. Dat is een toffe straat waar het goed is om wonen, zonder meer. Recent werden we allemaal overspoeld door telefoontjes en mailtjes van vrienden, familie en collega’s die bezorgd vroegen of ons huis er nog stond en of alles wel ok was. Reden? Een gaslek waardoor een 100-tal mensen op zondagavond op hun sleffers en in peignoir naar buurtzaaltjes moest verhuizen wegens ontploffingsgevaar. Nu, de straat is lang, en in ons stukje was daar niets van te merken.
Wel loop ik geregeld langs de plek van het lek. De straat ligt er ondertussen al bijna 4 weken opengebroken, met de gekende geel-blauwe hekken errond.

Sinds eergisteren heeft iemand (buurtbewoner?) zijn ongenoegen met de voortgang van de werken subtiel aangegeven:
Lees volledige tekst

Place d'Ath entre 1817 et 1821 (Jean-Baptiste Madou) - Postkaart uit het begin van de 20ste eeuw
Voor velen is het niet veel meer dan het metrostation tussen Kruidtuin en Kunst-Wet. Een plek waar je een halve minuut per traject stilstaat. Doordat ik ondertussen reeds meer dan een jaar in Sint-Joost woon en in de buurt van het Barricadeplein werk, is dit station voor mij tweemaal daags de veilige corridor onder de kleine ring. Toch is het pas toen ik een nieuwe collega rondleidde in de buurt, dat mij begon te dagen dat ik helemaal geen benul had waar de naam ‘Madou’ vandaan kwam. Tijd dus voor een zoektocht naar waarom “Madou” “Madou” heet.
Lees volledige tekst
Vrijdagavond, 17 uur. Ik spoor vanuit Gent terug richting Brussel. Twee heren van laat-middelbare leeftijd die aan de andere kant van de middengang zitten, discussiëren passioneel over de tegenvallende verkoopcijfers van hun Brugse filiaal.
Ik probeer mijn gedachten te laten afdwalen in de ritmiek van de trein en het geroezemoes van de andere passagiers. Ik word echter gemakkellijk weer naar de woorden van de gesnorde maatpakken geleid, maar voel me telkens een beetje schuldig als ik dat bewust merk. Ik wil niet luistervinken, ben geen voyeur… of is het meer uit angst betrapt te worden? Slaperig onderga ik het komen gaan van flarden en geniet ervan. Ik soes zachtjes weg.
Plots hoor ik “Bon, en ce cas, on doit faire un staff “. Zonder aarzelen belt hij een viertal mensen, de informatie beperkt zicht telkens tot een korte uitwisseling van beleefdheden en het zo mogelijk nog kortere “Un staff, ce soir, 20:00“. Niemand van de opgebelden vraagt om meer info, men is hier blijkbaar al aan gewend. Pfff, op vrijdagavond – ik ben plots dubbel zo blij dat mijn werkdag erop zit. In Brussel-Zuid neem ik met een knikje afscheid van de zakenmannen. Op hun vergadering zal zeker ook zwaarwichtig geacteerd worden, maar geef mij toch maar het afspraakje in de bios die mijn vriendin en ik vanavond hebben.
Veel later, wanneer we voor onze slotbeschouwingen en twee keer “een laatste” een warm café induiken, tref ik de twee treinvrienden weer. Aan een lange tafel, met een 10-tal anderen, bijna onherkenbaar door hun veel lossere pulls en jeans. Nog altijd bezig met hun staff… een avond onder vrienden in de Falstaff.
Dat Brussel veel te bieden heeft wisten jullie waarschijnlijk al, maar dat Brussel eveneens een Walhala vol tweedehandswinkels is, kan misschien nog enkelen onder jullie verbazen. Bij deze een artikel met daarin alle (?) adressen die je zeker niet mag voorbij wandelen. Neem je Volkswagenbusje, trommel je Austin Power vrienden op en haal die buffalo’s maar vanonder het stof, we gaan op 2nd hands strooptocht door Brussel. Je ervaren gidsen op deze tocht zijn Kristien Janssens en Doruntina Islamaj, die deze leuke plekjes bijeenzochten en beschreven. Lees volledige tekst
Ik vroeg me af… wat doe jij – Brusselaar – op een druilerige zondagnamiddag als deze? Beperk je de interactie met de stad tot een korte tocht naar de dichtsbijzijnde bakker en verdwijn je daarna in de geborgenheid van je thuis. Of vind je net dat dit gespetter bij onze hoofdstad hoort, en de sfeer in de cafeetjes net dat ietsiepietsie intiemer en samenzweerderig maakt?
Geschreven op 05 March 2008 door
nico in
Actualiteit,
Sport |
31 Commentaren
Een collega stootte zonet een aantal onverklaarbare oerkreten uit… Net hersteld van een aantal blessures, wou hij dit jaar immers deelnemen aan de 20km door Brussel. Inschrijven is mogelijk sinds deze maandag volgens het reglement, maar wanneer hij dat effectief wou doen kreeg hij het volgende te zien:
Mevrouw, Mijnheer,
Daar wij 25.000 inschrijvingen hebben bereikt, kunnen wij spijtig genoeg geen nieuwe inschrijvingen meer aanvaarden. Gelieve ons te verontschuldigen. Wij hopen u volgend jaar terug te zien vanaf 1 maart voor de 30e editie die zal plaatsvinden op 31 mei 2009.
Uitverkocht op slechts 3 dagen? I’m amazed…
Geschreven op 25 February 2008 door
nico in
Elsene,
People & Lifestyle |
9 Commentaren
Vanmorgen, 9:02. Ik kom toe aan de campus van de Vrije Universiteit Brussel, waar sinds enkele maanden een high-tech toegangssysteem met verzinkbare paaltjes operationeel is. Zeker in het begin liep het wel eens mis met auto’s die te snel de campus opreden, en onderweg een rijzend paaltje tegenkwamen, maar deze kinderziekten zijn nu grotendeels genezen. Hoewel…
Net toen ik aan kwam wandelen zag ik een kleine auto gezwind rechtsomkeer maken. Nog terwijl ik “iemand die niet (tijdig) geregistreerd raakte…” aan het bedenken was (ok, ‘s ochtends denk ik trager), zag ik de zwarte bolide zich achterstevoren aanbieden aan de camera met nummerplaatherkenning. Terwijl de paal de grond inzinkt, heb ik nog net de tijd om te zien dat de voorste nummerplaat in erbarmelijke staat is en ook voor mijn menselijke oog moeilijk leesbaar. De auto sprint achteruit de campus op, maakt een sierlijke draai (waardoor ik vermoed dat dit niet de eerste keer is dat de bestuurder dit maneuver uitvoert), en verdwijnt dan binnen enkele seconden met de noorderzon. Ik staar verdwaasd de – perfect leesbare – officiële nummerplaat na.
Een creatieve oplossing van een stadsmens die geen tijd heeft (of het niet belangrijk genoeg vindt) om een nieuwe nummerplaat te laten maken, of…?
Geschreven op 17 February 2008 door
nico in
Actualiteit,
Schaarbeek |
29 Commentaren
Dat er in Kosovo spontaan straatfeesten uitbraken, kon ik al lezen in De Standaard. Auto’s zouden er toeterend rondrondrijden, en er wordt druk gezwaaid met de Albanese en Amerikaanse vlaggen.
Vandaag is het hier aan ‘t Colignonplein (Schaarbeek) anders ook een drukte vanjewelste. Als het regent in Pristina, dan druppelt het in Brussel? Al uren aan een stuk rijden er zware zwarte bakken al toeterend rond. Ofwel hangt er een rode adelaarsvlagvlag uit het raam, ofwel zitten er uitzinnig blije mensen op de deuren. Enig PK-vertoon en hoog in de toeren gaande motoren horen er natuurlijk ook bij. Op enkele auto’s bemerkte ik ook een Amerikaanse vlag, en één enkeling combineerde met de Belgische vlag.
Ook mijn straat – een toonbeeld van multiculturaliteit zonder problemen – heeft er een nationaliteit bij, als ik de twee rode vlaggen bij mijn buren goed interpreteer. Wat ik me dan afvraag… wordt er ook in de andere delen van Brussel iets van gemerkt?
Geschreven op 08 December 2007 door
nico in
Foto,
Schaarbeek,
Wonen in Brussel |
1 Commentaar

Deze ochtend, zicht vanuit mijn badkamer. Een mens wordt van minder goed gezind…
Het is nog broeierig heet op 22 september 2006, wanneer ik ‘s avonds rond 22 uur land in Lima. Buiten is de nacht reeds begonnen, met een vastberaden zwartheid die voor ons Brusselaars ongekend is. Onzeker over waar ik die nacht zal slapen, praat ik mezelf moed in met acties die ik zeker succesvol kan afhandelen: ik pik traag m’n rugzak op, ontdoe hem van de beschermende plastic en wissel wat geld. Dan wandel ik de beveiligde zone uit, op zoek naar Joel, iemand die ik twee dagen ervoor via e-mail leerde kennen. Onze conversatie (ik: in het Engels met enkele spaanse woorden, hij: in onnavolgbaar Espanglish) was hartelijk, maar door de taalbarriere niet echt vertrouwbaar. Maar hij staat er, en een glimlach en wat vriendelijke woorden later (help, hij spreekt echt geen woord Engels) stappen we samen in een klein busje dat ons naar zijn huis zal brengen. We stappen af aan een sloppenwijk (help!), en het zal mijn eerste nacht in een woning zonder ramen, pal onder de aanvliegroute naar de luchthaven zijn.
Wat heeft dit nu met Brussel te maken vraagt u zich af? De organisatie waarmee ik Joel leerde kennen heet Couchsurfing, en ook in Brussel zijn er goede zielen die hun huis openstellen voor reizende lieden. En morgen (donderdag) komen een aantal onder hen samen in het Louis-Hap Park te Etterbeek, vanaf 18:30 tot 21:00 (sluitingsuur van het park). Lees volledige tekst