Samen uit, samen thuis

Woon je alleen of met je partner of gezin in een appartement of huis? Er bestaan ook alternatieven in de stad. Je kunt bijvoorbeeld ook samenhuizen in een gezamenlijk project met een woongemeenschap. Wonen in Brussel wijdde onlangs een boeiende woontour aan cohousing. Een verslag.

côtéKaNaL, Brussel (c) Annemie Ramboer, Wonen in Brussel

Samenhuizen kan op verschillende manieren. Iedereen die student is geweest, is wellicht vertrouwd met het gemeenschapshuis, ook bekend als ‘colocation’ of ‘Wohngemeinschaft (WG)’. Vrienden huren samen een huis of appartement om de kosten te drukken, maar ook om samen dingen te doen: op een vast tijdstip eten, samen Netflixen, een spelletjesavond of kotfeestje organiseren. Elke bewoner heeft een eigen slaapkamer, terwijl keuken, woonkamer en badkamer gedeeld worden. Er bestaan ook kangoeroewoningen (twee generaties of gezinnen onder één dak), woongroepen of leefgemeenschappen. Bij cohousing of cowonen heeft elke bewoner of elk gezin een eigen woning. Dat wordt aangevuld met gemeenschappelijke voorzieningen, zoals een tuin, een feestzaal, een washok, een fietsenstalling, een logeerkamer. Meestal kopen verschillende gezinnen samen een terrein of gebouw en ontwikkelen ze het project.

Dat was ook het geval bij côtéKaNaL, een Brusselse pionier die in 2001 zijn intrek nam in een gebouw in de Hopstraat. Ilse herinnert zich dat ze met gelijkgezinden de leegstand in Brussel wilde aanpakken en op zoek was naar een betaalbare woning in het centrum. Hun oog viel op een industrieel gebouw, waar ooit een mouterij en een cosmeticafabrikant zaten. “We hebben met zijn zessen beslist om het pand aan te kopen. Een maand later hebben we met negen mensen de akte getekend. De prijs was relatief goedkoop omdat er voordien een brand had gewoed.”

Juridisch en financieel was het een kluwen om het collectieve eigenaarschap geregeld te krijgen, want notarissen en banken waren niet vertrouwd met de formule. Het project is nu ingedeeld in 18 appartementen en er wordt ook ruimte verhuurd aan kunstenaars. Na verloop van tijd is er een professionele syndicus ingeschakeld. De groene binnentuin en het dakterras zijn uitnodigende ontmoetingsplekken. Klusjes worden uitgevoerd tijdens een gemeenschappelijk werkweekend. Een heikel punt is geluidsisolatie. De renovatie van de lift is uitgesteld wegens te duur en iets meer ruimte om fietsen te stallen was wenselijk geweest, maar Ilse is een tevreden cohouser, die geniet van het prachtige uitzicht op de stad.

Ilot Picard (c) Annemie Ramboer, Wonen in Brussel

Het verhaal van L’îlot Picard in Molenbeek is anders omdat de bewoners geen eigenaar zijn van hun appartement. Het privébedrijf Urbani bouwde in Brussel het eerste cohousingproject voor huurders, goed voor 22 wooneenheden van verschillende grootte. De andere bewoners ontmoet je in twee polyvalente zalen, een verwilderde tuin, een goed uitgeruste wasserette of de compacte fietsenstalling. Er is ook passage van bezoekers van het consultatiebureau van het Franstalige Kind en Gezin.

Urbani stimuleert de groepsdynamiek, want 1% van de huurinkomsten gaat naar gemeenschappelijke voorzieningen. Bewoners kunnen daarvoor duurzame projecten indienen. Zo vloeide er al geld naar extra tuinmeubilair, een barbecueset, een zwembadje of het kippenhok. Via een flyer worden de waarden uitgedragen. Er is bij de bewoners veel verloop – ook intern: het is goed mogelijk dat iemand van een studio naar een appartement verkast. De organisatie van een zomerstraat in 2020 wijst op de goede vibes in de buurt.

Îlot De Spiegel (c) Annemie Ramboer, Wonen in Brussel

 Îlot De Spiegel in Jette is nog in volle opbouw. Waar voorheen een metaalverwerkend bedrijf gevestigd was, verrijst nu een gloednieuw woonproject. De groep bewoners bestaat uit 12 families: gezinnen met en zonder kinderen, koppels en alleenstaanden. De woonunits komen rondom een gemeenschappelijke tuin. Daarnaast komt er ook een polyvalente ruimte, een wassalon in de kelder, een moestuin met composteerplek, gedeelde auto’s en een fietsenstalling. Het project zet volop in op duurzaamheid met circulaire, passieve woningen en kreeg daarvoor steun van het Brussels Gewest onder de noemer ‘Be exemplary’.

Bewoonster Tine wijst op de vele praktische moeilijkheden die de vzw overwonnen heeft: je moet je een weg banen door de juridische wildernis, duidelijke onderlinge financiële afspraken maken en in consensus beslissingen nemen. Het proces werd bemoeilijkt door de drukte op de bouwmarkt en de coronacrisis. Er is gekozen voor een zo uniform mogelijke afwerking door één aannemer, al kunnen bewoners ook zelf de handen uit de mouwen steken om kosten te sparen. ‘We leren uit de ervaringen van andere cohousingprojecten zoals Brutopia in Vorst. Dit wordt een plek van intergenerationele ontmoeting. Zo zullen we de tuin zelf onderhouden. Tegelijk wordt er bij de zichtlijnen rekening gehouden met de privacy.”

L’Echappée (c) Annemie Ramboer, Wonen in Brussel

De kiem van L’Échappée in Laken werd gelegd tijdens een infoavond in 2010. Vijf jaar later begonnen de verbouwingen in het oude carrosseriebedrijf en begin 2017 trokken alle bewoners in de 18 wooneenheden. Gemeenschappelijk zijn de binnentuin, de polyvalente zaal met logeerkamer in mezzanine, het dakterras en de ondergrondse fietsenstalling. Het ecologisch engagement komt tot uiting in een laag energiegebruik en duurzame mobiliteit en consumptie. Tot de filosofie van het project behoort ook samenwerking en openheid naar de buurt. Eén keer per maand wordt er bijvoorbeeld samen gegeten, er vinden cinema- en concertavondjes plaats, werkgroepen buigen zich over verschillende thema’s. Het project participeert aan straatfeesten en dient als ophaalpunt voor groenteabonnementen.

Bewoonster Ann zegt dat openheid, ook in financiële aangelegenheden, een voorwaarde is om een cohousingproject te doen slagen. “We hebben alle kandidaat-bewoners op de infoavond een uitgebreide vragenlijst laten invullen. Daaruit bleek een kloof van ongeveer 15% tussen de laagste en hoogste inkomens. We wilden het toegankelijk houden voor iedereen en hebben keuzevrijheid gelaten voor de afwerking van de woning aan de hand van een technische beschrijving voor de aannemer. Tegelijk hebben we ook bewust gezocht naar oudere kandidaten om meer diversiteit en koopkracht in de groep te krijgen.”

Meedraaien in een cohousingproject vraagt engagement, zeker in de opstartfase, als alles nog beslist moet worden. Ook daarna zijn sociale competenties een groot pluspunt. Als je samenhuist, woon je immers in een samenleving in zakformaat, wat lusten, maar ook lasten met zich meebrengt. Een heel mooie troef: de gemeenschappelijke voorzieningen vergroten je leefruimte aanzienlijk en stellen je in staat om in verschillende levensfases in de stad te blijven wonen. “Er schuilt zoveel rijkdom in een groep, zoveel talenten. Samen kan je meer”, besluit Tine.

Je vindt meer uitleg over cohousing in Brussel bij de platformen Samenhuizen vzw en Habitat et participation asbl. Via Wonen in Brussel, een initiatief van de Vlaamse Gemeenschapscommissie, blijf je op de hoogte van toekomstige woontours. Op 9 oktober 2021 is er een nieuwe fietstour over cohousing in Schaarbeek gepland.

Share

AboutTom

Nieuwe Brusselaar met een passie voor taal, cultuur en journalistiek. Geboren in Sint-Niklaas. Studeerde Germaanse talen in Gent en woonde na zijn studie zes jaar in Berlijn. Houdt zich bezig met beleid en communicatie binnen de Vlaamse overheid en is journalist in bijberoep.