Zelfportret van een zoekende speler

Josse De Pauw wordt zeventig vandaag. En dat viert hij op de plek waar hij zich al vijftig jaar lang als een vis in het water voelt: de theaterplanken. Dit weekend ging in de KVS zijn nieuwe voorstelling Rhapsody in première. Ondersteund door een vijfkoppig orkest vertolkt de acteur teksten over schoonheid en troost. ‘Elke druppel water is als een universum op zich’ (George Steiner).

Inspiratie vond de theatermaker in de VPRO-documentairereeks ‘Van de Schoonheid en de Troost’ uit 2000. Daarin ging journalist en schrijver Wim Kayzer in 26 afleveringen praten met een schare van internationale kunstenaars en wetenschappers. Hij ging daarbij telkens uit van de filosofische vraag: ‘Wat maakt dit leven de moeite waard?’ De Pauw selecteerde passages van vijf denkers: biologe Jane Goodall, bekend van haar onderzoek naar chimpansees, schilder Karel Appel, romanschrijver J.M. Coetzee, cultuurfilosoof George Steiner en Edward Witten, een natuurkundige en wiskundige die zich specialiseerde in de snarentheorie.

Intellectueel vuurwerk

Het resultaat is knetterend intellectueel vuurwerk, maar op een zeer bevattelijke manier gebracht. De Pauw kruipt in de huid van de geïnterviewden; de interviewer blijft buiten beeld. Hij neemt het enthousiasme en de speelsheid van Appel over, de weifelende toon van de tegenwringende Coetzee, het poëtische observatievermogen van Goodall, de analytische kracht van Witten en de onweersteenbare verteldrang van Steiner. Hij zorgt ervoor dat de diepzinnige teksten kunnen ademen. Hij debiteert geen in steen gebeitelde waarheden. De vijf gasten zoeken naar de juiste woorden, soms weifelend, soms van de hak op de tak springend of zich verliezend in anekdotes. In het vuur van hun betoog lossen ze stuk voor stuk pareltjes.

Wat brengt schoonheid en troost? Coetzee vindt het een onmogelijke vraag en de interviewvorm acht hij ongeschikt om in de diepte te gaan. Maar hij heeft het prompt over de zoektocht naar perfectie op menselijke schaal en de overweldigende zintuiglijke ervaring van de natuur zoals ruige bergen en woeste zeeën. Als schrijver probeert hij de chaotische werkelijkheid te temmen, en dat gedisciplineerde werk geeft hem voldoening. Maar troost? Dat haalt hij toch meer uit koken: eenvoudig, prettig om te doen en met onmiddellijk resultaat.

Permanente staat van verwondering

Ook Goodall wendt zich tot de natuur voor mystieke ervaringen. Als kind vond ze al rust in de kruin van een beukenboom, in het oerwoud voelt ze zich verbonden met de slingerende apen, de opvliegende vlinders, de ruisende bomen. Eenzaamheid lijkt een noodzakelijke voorwaarde. Een gevoel dat Appel maar al te goed kent. Eenzaam in zijn atelier, wordt hij opgeslorpt door zijn werk, bijvoorbeeld als hij kleuren mengt. Het is alsof hij er is en tegelijk niet is. Op het einde van een lange werkdag kan hij een schilderij afwerken, enkel door ernaar te blijven kijken.

Steiner is een pleitbezorger van de intellectuele schoonheid. In zijn jonge jaren verdiepte hij zich in wapenschilden en raakte hij geïntrigeerd, maar ook geïntimideerd door de gedetailleerdheid van de wereld. Door lijstjes te maken, trachtte hij er grip op te krijgen. Hij koestert zijn literair-historische bagage en zijn goed getrainde geheugen, zodat hij kan genieten van ‘de heiligheid van het nietige detail’ (William Blake). Witten kan ontroerd zijn door de schoonheid van een wiskundig bewijs of een natuurkundige theorie. Hij wil als wetenschapper de werkelijkheid begrijpen en verklaren. Toch blijft het mysterie over het waarom bestaan. Maar net de permanente staat van verwondering stuwt de mens vooruit.

De toeschouwer wordt getrakteerd op prikkelende uitspraken, die aanzetten tot nadenken en ook discussie opwekken. Is een goed geheugen een troost, als je getraumatiseerd bent door oorlog of misbruik? Betekent het opgaan in het sublieme niet vooral dat je je eigen plaats in het universum kunt relativeren? Zijn er geen blinde vlekken? Het esthetische, geestelijke en spirituele genot komen aan bod, maar wat met sociale verbondenheid: liefde, vriendschap en mededogen met de medemens? En vergeten de denkers het lichamelijke aspect van het menszijn niet?

Scherven van een mozaïek

De selectie van de fragmenten bepaalt alles. De Pauw heeft duidelijk verwante zielen gezocht, en zo ontstaat een zelfportret in mozaïekvorm. Zoals Appel in zijn atelier verf mengt, is hij tijdens de repetities met taal en tekst in de weer. Zoals Witten probeert hij de wereld te vatten, en tegelijk blijft hij zich verwonderen. Hij is graag alleen in de natuur, in zijn buitenverblijf in de Morvan in Frankrijk. Koken is een geliefde bezigheid. Hij is een gepassioneerde speler die blijft zoeken naar troost en verwondering.

Een woord over de scenografie en de muziek. Aan het plafond hangen doorschijnende gordijnen, die de acteur tijdens het stuk meermaals verschuift. Er worden natuurbeelden en kunstwerken op geprojecteerd, in een spel met licht en duister. Dat zorgt voor variatie in het podiumbeeld en een wisselend perspectief. Frederik Neyrinck verzorgde een eigenzinnige compositie met een grillige rapsodie van uiteenlopende fragmenten. De muzikanten – klarinet, trombone, cello, viool, percussie – gaan de dialoog aan met de tekst. Als De Pauw Steiner laat zeggen dat schoonheid en troost als danspartners om elkaar heen draaien, weerklinkt er een walsje. Brel duikt op in beide performances. Nochtans is de gelijktijdigheid van tekst en muziek niet zo geslaagd: ze verdienen allebei ongedeelde concentratie en staan elkaar geregeld in de weg.

Josse depauw jan17

(c) Michiel Hendryckx, 2017, Wikipedia

Rhapsody van LOD muziektheater / Josse De Pauw & Frederik Neyrinck was te zien in de KVS van 11 tot 13 maart en reist verder naar Brugge, Gent en Antwerpen. De reeks Van de Schoonheid en de Troost is online beschikbaar op de website van de VPRO. Friedl’ Lesage interviewde De Pauw naar aanleiding van zijn zeventigste verjaardag voor het Radio 1-programma Touché.

Share

AboutTom

Nieuwe Brusselaar met een passie voor taal, cultuur en journalistiek. Geboren in Sint-Niklaas. Studeerde Germaanse talen in Gent en woonde na zijn studie zes jaar in Berlijn. Houdt zich bezig met beleid en communicatie binnen de Vlaamse overheid en is journalist in bijberoep.