Sonia is weg

Sonia is weg. Weggerukt door een autochtone of allochtone onverlaat. Geroofd in een overdekte ondergrondse parkeergarage aan het Zuidstation in Brussel. Het QPark, uitgerust met surveillancecamera’s en gesurveilleerd door bozige geüniformeerde mannen met zware bottines en een hond. Daar werd Sonia met geweld meegenomen.

Nooit nog zal ik haar nog horen zeggen: ‘links aanhouden’, ‘flauw afdraaien’, ‘aan de volgende rotonde twee afrit van rechts’, of ‘herberekenen, herberekenen’. Zij had een Zuid-Nederlandse tongval, zonder spoortje dialect. Onmogelijk om te zeggen waar ze vandaan kwam.

Een aangename stem, soms irritant als ze door de radio heen begon te praten, of als ze aan een herberekening begonnen was. Dan kon ze zichzelf weleens herhalen en zo het verkeerde ding zeggen. Haar onverstoorbaarheid was uniek. Ze deed rustig verder, ook als ik haar voor stomme trut uitmaakte, of haar toeriep dat ze moest zwijgen.

Mijn vriend Bart heeft zijn Sonia Monique genoemd. Zij zit helemaal in het koetswerk van zijn Jaguar verwerkt en ze spreekt ook een toontje beschaafder. Na elke instructie zegt ze zelfs ‘alstublieft’. Mijn Sonia was mobiel en ze zat met een plug in de sigarettenaansteker. Dan ben je kwetsbaar voor autochtone of allochtone onverlaten die geen respect voor andermans eigendom hebben en die niet afgeschrikt worden door de veiligheidsmaatregelen van een dure betalende parking.

Op woensdagavond 28 augustus omstreeks 23.13 ontdekte ik de ingeslagen ruiten aan de passagierskant van mijn auto, en dus ook de afwezigheid van mijn Sonia. Glas overal. Ik was geschokt. Ging naar de nachtwaker die in een van alle mogelijke technische snufjes voorziene controlebokaal resideert en feliciteerde hem cynisch met de kwaliteit van zijn beveiliging. ‘Nog zo’n zagevent’, zag ik hem verveeld denken. ‘Monsieur, c’est chaque jour comme ça.’ Daar moest ik het mee doen. ‘Il y a de la police dans la gare,’ voegde hij er grootmoedig aan toe.

De politie bleek echter van het federale soort te zijn dat enkel binnen het Zuidstation mag optreden, ik moest bij de politie van de lokale soort zijn, die van Anderlecht. Die moesten hier ergens een bureau hebben. Probleem opgelost voor de federale jongens. Als we maar weten waar we belastingen voor betalen.

Sonia is dus weg. Hadden die onverlaten het op haar gemunt? Het betonnen autoparadijs afgedweild op zoek naar een gps met een Zuid-Nederlandse tongval? Met Bluetooth haar stralingen opgespoord? Heeft zij die jongens geprovoceerd, uitgedaagd, hen gejend met hun kansarme afkomst en diplomaloze curriculum? Ik denk het niet. Zo was ze niet. Ze maakte geen onderscheid des persoons. Een Amerikaanse tv-inspecteur zou zeggen : ‘she was in the wrong place at the wrong time.’

Sonia was geen gemakkelijke en ze liet al eens een steekje vallen, maar gedurende drie jaar heeft ze me toch grotendeels op het rechte pad gehouden. Haar taal getuigde van een ander ruimtelijk inzicht, dat toch wel aandoenlijk was. ‘Bij de rotonde tweede afrit rechts’ betekende eigenlijk ‘rijd rechtdoor’. Maar dat gaat dus niet, omdat die rotonde in de weg ligt. Elegante oplossing toch, en heel correct, en duidelijk. Ik ben niet zeker of ik zonder haar die rotondes wel foutloos kan nemen.

Jan Flamend (Sint-Truiden, 1959) studeerde Germaanse Filologie en Filosofie. Na zijn academische carrière aan het Instituut voor Literatuurwetenschap aan de K.U.Leuven, stapte hij over naar het zakenleven en werd hij commercieel directeur bij Hewlett Packard en bij Ubizen. In 2000 richtte hij het opleidingsbedrijf Valueselling op.

Share