Categorieën
Brussel Actua Brussel-Stad BrusselBlogt.be Den Vijfhoek Reizen & Toerisme Wonen in Brussel _Gemeente

De stad verandert

Wat Philippe Close met het Brusselse stadscentrum probeert te doen, lijkt heel sterk op een model van de stad van de toekomst.

Steevast gesteund door zijn hondstrouwe College, is hij al jaren bezig om een transformatie te bewerkstelligen die kleine, anonieme bewoners wegjaagt en hopen bezoekers aanzuigt, kijklustigen en hongerigen wiens nieuwsgierigheid non-stop gewekt wordt.

Als er kritiek komt, dan komt ze van handelaars die erop moeten toekijken hoe hun broodwinning wordt weggepikt (de boekenhandelaars in de Bortierpassage) door een combine van ondernemers die nauwe banden met het stadsbestuur hebben en moderne commerciële formules neerzetten (foodcourts), of van kunstenaars, die uit de biecht klappen over het erbarmelijke, hondsmagere artistieke niveau in de tijdelijke kubus “C12” op het De Brouckèreplein, dat de hele zomer bezet wordt.

De stad van de toekomst moet meer zijn dan een verzameling winkels, heet het. E-commerce neemt intussen zodanig veel plaats in dat er een serieuze schifting aan de gang is onder winkeliers. De sterksten blijven, fastfood floreert, terwijl de verkoper van bibliofiele uitgaven en de winkel waar een expert je bijbabbelt, aan de kant worden geschoven.

De uitzondering is de regel geworden: waar vroeger het circus eens per jaar met veel tamtam de stad binnnenreed, staat de kassa nu permanent opgesteld en fronst de bezoeker de wenkbrauwen indien er eens een dag géén tentzeil opengaat.

In deze geënsceneerde stad heb je geen toevallige ontmoetingen meer met mensen, je komt er enkel nog andere consumenten tegen. In airport city transiteer je, zoals tussen de bagagecontrole en de check-in in een luchthaven, waar terrasjes, restaurants, en winkels met parfums en koffiekoppen je aandacht tijdelijk vasthouden.

Mocht Philippe Close deze tekst lezen, dan zou hij tegenwerpen dat ik de helft van de waarheid achterwege laat: de 15-minutenstad. 10 minuten, zelfs, want Close lanceerde dat idee in 2018 in navolging van het idee van de Parijse inwijkeling en wetenschapper Carlos Moreno, en wilde nog beter doen dan het origineel. Beenhouwers, groenten- en fruitverkopers, tandartsen, scholen, etcetera, alles wat een lokale inwoner nodig heeft op wandel- of fietsafstand en hem of haar een echte stad teruggeeft.

Ondanks het feit dat je op een kaart (https://www.brussel.be/geoportaal) kan kijken welke diensten er te vinden zijn, zijn de resultaten van het plan niet duidelijk. Nieuwe bakkers, beenhouwers of scholen worden er nauwelijks op gedocumenteerd. En ondanks feit nummer twee, dat een consortium van universiteiten die resultaten opvolgt, leeft de centrumbewoner in een parallelle wereld: de twee beleidsopties, evenementiëring en nabijheid, lijken nog niet in evenwicht.

De nieuwe voedselmarkt in de Sint-Gorikshallen lijkt een essentiële buurtfunctie te herstellen. In tegenstelling tot de foodcourts, die passen bij de visie van de stad als plaats van evenementen, moet dit een plek voor dagelijkse boodschappen zijn (het aanbod ligt wel in een hogere prijsklasse). En toch is het “belevingsgehalte” van het nieuwe Sint-Goriks groot. Er blijft plaats voor tentoonstellingen, concerten en terrasjes. Alsof de boodschap is dat de stad 2.0 niet meer zonder die boosterprik kan overleven.

Wordt de markt van Sint-Goriks een nieuwe attractie, of een stabiel alternatief voor de dagelijkse bewoner?

De stad verliest winkels, heeft een begrotingstekort, en moet keuzes maken. Evenementen trekken  toeristen, belastingen en werkgelegenheid aan. Velen appreciëren ook de drukte, de terrassen en de evenementen.

Wat Brussel de laatste 15 jaar doet in het stadscentrum, is een kwetsbare noodoplossing, maar zal de stad van de toekomst een aanvaardbare weg vinden tussen een podium voor bezoekers en een thuis voor bewoners?  

In Brussel hangt veel af van nog een derde factor, de netheid. In een vorige Blogpost (https://www.brusselblogt.be/2026/07/20/beurssel.html) trachtte ik dat probleem tastbaar te maken. Wie door het centrum wandelt, baant zich niet alleen een weg langs evenementen, maar ook langs urinesporen, zwarte plekken en hoopjes vuilnis die als een rode draad door de stad lopen. Een proper trottoir is de uitzondering, niet de regel. Het is dan ook wrang dat het stadsbestuur zoveel energie steekt in het aantrekken van bezoekers, terwijl de basisvoorwaarde voor een leefbare stad – netheid – structureel ondergesneeuwd blijft.

Share