Categorieën
Het gemeenschapscentrum Kunst

Wij veranderen prosecco in pis

13u31 – de keuken

Frederieke en Lyne (in koor): Wij zijn de lunchdames!

Frederieke: Couteaux de mer cuits au charbon, coulis de capucines in La Villa Lorraine.

Lyne: Ravioles de langoustines et ris de veau au piment d’Espelette, crème de langoustine in Wine in The City.

Frederieke: Chevreuil et ses garnitures de saison in La Villa in the Sky.

Lyne: Tartare d’avocats aux crevettes grises et pamplemousse in Toucan sur Mer.

Frederieke: En vrijdag: épinards, ricotta, praliné et blé noir in La Buvette. (Ze high-fived Lyne.) You go girl!

Frederieke en Lyne (in koor): Voor twaalf uur ’s middags komen wij onze villa’s niet uit. (Ze wijzen zichzelf aan.) Denk je dat we zo ons bed uitrollen? Nee, David. Onze faces hebben tijd nodig om neer te dalen. Een ijsbad en dertig minuten in de stoomcabine voor een maagdelijk canvas. Het enige personeelslid dat wij rond die tijd in huis dulden is de visagiste -en haar penselen- pour la peinture de la guerre. Klaar om de mensheid te trotseren.

Kijk niet zo moeilijk, David.

Tijdens de lunch bespreken we – aan onze vaste tafel – het event van de vorige avond. We recenseren wat de gasten droegen en bespreken ongerijmdheden. Wie dronk er teveel? Wie bezweek onder de druk? Wij luisteren niet naar wat ze zeggen – voor interessante gesprekken moet je elders zijn -, maar bestuderen de wijze waarop ze iets zeggen. Wij speuren oog- en mondhoeken af op zoek naar onzekerheden. Wij reserveren onze breedste glimlach voor de faces waarvan de zenuwen oncontroleerbaar trillen. Wij vieren zege.

Wij dragen thuis witte hertenleren handschoenen.

Het in kaart brengen van de problemen van anderen is de brandstof waarop ons motortje aangaat. Missen onze nagesprekken hun doel dan hebben we seks met de souschef. Gek genoeg voelen wij ons niet schuldig over zo’n buitenechtelijke wip. De beloning voor al dat moederen, toch? Het geeft ons een prettige poor little rich girl-buzz. Tijdens de seks bekijken wij onszelf in de spiegel: we trekken onze buiken in, slaken gilletjes. We laten soms een traan om het tafereel een extra psychologische lading mee te geven.

Wij maken voortdurend grappen over de oppervlakkigheid van ons leven, maar als iemand anders ons oppervlakkig noemt dan is het huis te klein. We ghosten die persoon en eisen dezelfde reactie van onze girlies.

Dé titel bemachtigen is hard labeur. Doe het ons na: steeds feestthema’s bedenken voor mensen die bij voorbaat ‘meer hadden verwacht’. Elke eventingenieur en tentarchitect voelt gedateerd. Weer een zangeres die als een ster neerdaalt uit de hemel op het zilveren platform in ons landschapszwembad? Wij liggen daar wakker van. De diazepammen zijn niet aan te slepen. Het helpt ook niet dat de weergoden zich steeds van hun slechtste kant laten zien. Laatst hadden we een dronken steward op onze recital.

Wij komen niet langer in het noorden van Brussel: de lucht daar maakt dikker.

Voor de opening van het seizoen doorkruisten wij het land op zoek naar driehonderd verschillende servetringen. Driehonderd unieke servetringen, David. Niet één dezelfde. Denk je dat iemand het interesseert? Nee, David. Niemand is ons komen feliciteren met die realisatie. Van de laatste twintig houten servetringen hebben wij eerst de verf afgeschuurd om ze daarna opnieuw te lakken. Niet. Één. Persoon. David.

Wij veranderen prosecco in pis.

Wij kunnen ons ook nergens over uitspreken. Elke mening kan botsen met de mening van een toekomstige klant. Shakespeare had het mis: de wereld is geen theater maar één groot netwerkevent. Ons leven is eenzaam. Jankt ons hart ’s nachts dan glijden wij uit bed en surfen wij naar homebanking. Het blauwe licht van de laptop verwarmt ons.

David: Zijn jullie altijd zo oppervlakkig geweest?

Frederieke (resoluut): O ja, absoluut. Ik zeker. Al heb ik wel stappen gezet. Ik zet de legacy van mijn moeder voort, maar dan nog extremer. Twee punt nul, zeg maar. Ik hou met absoluut niemand rekening. Ik heb alles over voor het perfecte plaatje. Ik voel ook niets meer. Look happy or die!

Lyne: Ik kom uit een boerenfamilie. Schrik niet David, Frederieke is daar van op de hoogte. Ik zet mijn bescheiden afkomst graag extra in de verf, als contrast. (Ze denkt na.) Ik was vroeger helemaal niet oppervlakkig (Ze staat op.)

Geloof het of niet: ik was wiskundige en nog een uitmuntende ook. Geef me enkele getallen en ik vul die reeks moeiteloos aan. (Ze wijst om zich heen.) Van deze ruimte maak ik een formule aan de hand waarvan een andere wiskundige een accurater beeld krijgt van deze ruimte dan wanneer ik een foto toon. Cijfers zijn mijn waterstenen door het moeras dat het leven is. (Frederieke valt in slaap.)

Ik ben veel slimmer dan Koen. (Ze zucht.) Ik sprak op congressen. Kort haar en een leren jas. Maar ik kreeg het beeld van succesvol wetenschapster niet helder in mijn hoofd. Ik was de enige vrouw. Ik maakte moeilijk vrienden. Ik dacht dat ik eenzaam was.

Op een dag maakte ik een cake en de wereld bewoog met me mee. De kinderen happy en ook Koen reageerde warm verbaasd. Ik stopte als wetenschapster en trad toe tot het leger der deeltijds werksters, maar ook daar gaf ik snel de brui aan: het principe van werken voelde al snel geforceerd aan.

De dag dat ik de cijfers vaarwel zei, stond ik er alleen voor. Zonder hart hield niets me samen: ik viel uiteen in miljarden deeltjes. Elke persoon die ik tegenkwam gaf ik een stukje van mezelf. Vorige week kwam mijn dochter binnen en ik zag het: zij geeft zichzelf ook weg. (Ze denkt even na.) Het verzet maakt plaats voor een eindeloze glimlach.

(Ze huilt.) Ik realiseer me nu pas dat cijfers mijn vrienden waren, wat zeg ik, de beste vrienden die je je maar kan wensen. Echt.

(Ze schudt haar hoofd.) Ik herinner me onze huwelijksreis: Manhattan in ‘79. In het theater district liepen we de cinemazaal uit: Kramer vs. Kramer. Indian summer. Koen zag er woest aantrekkelijk uit, slank, strak van boven met vanaf de knieën wijd uitlopende jeans. Ik zie het nog zo voor me. Begeesterd pakte hij mijn hand en trok me naar het eerste zitbankje. Hij keek me aan en zei: Ik wil je kinderen opvoeden. Ik ben niet ambitieus. Ik wil voor je zorgen. Ga jij werken: jij bent veel slimmer dan ik. Maak jij carrière. Hij streelde mijn wang: Laten we de wereld veranderen: jij en ik.

Share

Door Thomas Dielman

In Het gemeenschapscentrum is David uitgenodigd om er samen met de sociaal-cultureel medewerkers activiteiten te bedenken om mensen opnieuw duurzaam met elkaar te verbinden. De medewerkers reageren niet unaniem positief op zijn komst. Thomas Dielman is beeldend kunstenaar en auteur. Hij woont in het centrum van Brussel. In 2024 verscheen zijn debuut Het straatfeest.