Filip Keymeulen, straathoekwerker in Brussel, heeft, na zijn debuut Alhambra (2020), opnieuw een sociaal-realistische roman geschreven. In Vita kruisen de wegen van drie Brusselaars die leven aan de rand van de samenleving. Deze keer verbreedt de auteur zijn horizon met uitstapjes naar Brazilië en Congo.
Goedele wordt als baby door haar moeder te vondeling gelegd en groeit op in een Belgische missiepost in Brasilia. Ze komt echter in de prostitutie terecht, eerst als tiener in Brazilië, daarna ook in België, nadat ze brand heeft gesticht bij haar adoptiegezin. Michiel komt uit een disfunctioneel gezin met een alcoholverslaafde moeder en ontwikkelt al snel psychoses. Hij begint te bedelen en zoekt troost bij sekswerkers. Petronella gaat op vraag van haar vader in het klooster. Op missie in Congo vergrijpt de abdis zich aan haar. Terug in België herwint ze haar autonomie en ontfermt ze zich in de prostitutiebuurt rond de Lakensestraat over Goedele en Michiel.
Keymeulen vertelt, net in zijn eersteling, met veel empathie het verhaal van mensen in de marge van de samenleving. Hij toont de rugzak die ze torsen, de demonen waarmee ze worstelen, het pad dat naar hun precaire levenssituatie leidt. We zien bijvoorbeeld hoe Michiel op straat tegen zichzelf praat en in het openbaar masturbeert totdat de politie ingrijpt. Goedele ontvangt mannen op een bankje en laat hen voor 5 of 10 euro met haar hand klaarkomen, terwijl ze hun geslacht afdekken met een krant.
Ondanks het miserabilisme, in een opvallende mix met seks en religie, is er bij Keymeulen ook plaats voor momenten van menselijke warmte, solidariteit en troost. Zo leert Petronella de geëngageerde priester William kennen, die de deuren van de Begijnhofkerk opent voor daklozen en vluchtelingen. Het personage is duidelijk gebaseerd op Daniel Alliët. Het lokale dienstencentrum Het Anker is een laagdrempelige ontmoetingsplek voor buurtbewoners en kan bogen op onbaatzuchtige vrijwilligers. Zuster Bertha was in Brazilië als een liefdevolle moeder voor Goedele.
Het boek barst van de goede bedoelingen en leest ook vlot weg, maar is het ook een goede roman? Hoewel de stijl duidelijker verzorgder is dan in Alhambra, had ik nooit de neiging om een zin of een passage te onderstrepen. Ronduit storend zijn de vele herhalingen. Goedele steekt zo veel kaarsen aan om haar bijnaam ‘Mademoiselle Bougie’ eer aan te doen dat ik er zowaar pyromane neigingen van kreeg. De vele gebeurtenissen worden ook te expliciet één na één afgehaspeld en uitgelegd. Het ontbreekt aan suggestieve kracht en aan een sterke opbouw.
En dan is er nog een probleem met geloofwaardigheid. Waarom zoekt Goedele haar biologische moeder in de prostitutie, hoewel ze niets van haar afweet? Wat bezielt Petronella om nog met een man samen te willen zijn net voor ze haar laatste levensadem uitblaast? De terroristische aanslag op Zaventem in 2016 lijkt er op het einde met de haren bij gesleurd. Het gemis van de Braziliaanse heimat wordt bij Goedele niet invoelbaar gemaakt.
Vita is dus geen onvergetelijk meesterwerk, maar is wel een boeiend, authentiek en confronterend verhaal. Keymeulen verdient respect voor de stem die hij geeft aan mensen die we in Brussel vaak achteloos voorbijlopen.
Vita is verschenen bij uitgeverij Bitbook. Lees ook onze recensie van Alhambra.

